Pagina's

Eurolac!

Een blog met (bijna) dagelijkse columns over borstvoeding, hoe het gaat, hoe het ook zou kunnen. Discussie, ironie, satire en parodie worden als stijlbloemen niet verguisd, naast gewone recht-toe recht-aan informatie.
Posts tonen met het label groei. Alle posts tonen
Posts tonen met het label groei. Alle posts tonen

zaterdag 21 december 2013

Sprong

Foto: Jamie Bell als Griffin en Hayden Christensen als David Rice springen van werelddeel naar werelddeel of van de ene kant van een muur naar de andere in een fractie van een seconde in chaotische werkelijkheid van  Jumper (2008)

Opgroeien lijkt een springerig gedoe te zijn. Kinderen blijken vanaf hun geboorte om de haverklap te springen. Volgens het populaire ‘’Oei, ik groei’’-principe verloopt de ontwikkeling van kinderen in de eerste twee jaren met horten en stoten. Ze springen van de ene verandering naar de andere, zeg maar. Kennelijk is er in de bouwplannen van een mens een kereltje ingebouwd die op redelijk vaststaande tijden naar het kind roept ‘’Spring!’’ en in plaats dat dat kind dat netjes vraagt ‘’Hoe hoog?’’ gaat hij een beetje moeilijk zitten doen en heeft hij daar helemaal geen zin in. Uiteindelijk springt hij dan toch en dan is het afwachtten tot het volgende commando op de daarvoor geldende tijd. Er schijnen in die eerste anderhalf jaar wel tien van die sprongen voor te komen. Met een week of drie chagrijn in de aanloop naar elke sprong kan je als ouders je lol op met zo’n dertig weken een kind dat uit zijn doen is.

Punt is dat de schrijvers van dit concept niet helemaal ongelijk hebben. De ontwikkeling van een kind verloopt niet gladjes, maar gaat hakkelend, met horten en stoten, hollen en stilstaan, vallen en opstaan. En er zijn inderdaad patronen te onderscheiden in de manier waarop de verschillende ontwikkelingen onderling geordend zijn. Er is zelfs een zekere wetmatigheid te onderscheiden. Over het algemeen gaat de ontwikkeling van grof naar fijn, van boven naar beneden, van binnen naar buiten. Eerst armbewegingen, dan handbewegingen en dan vingergepriegel. Eerst het hoofd, dan de buitenste en onderste uiteindjes. Eerst de inwendige organen, dan de verfijning van de buitenkant. Maar de overlap is groot. Terwijl de longen uitrijpen is de huid ook al aangelegd en klaar. Terwijl de lever de laatste specificaties regelt, zijn de vingernagels al perfect en toe aan de eerste knipbeurt. Terwijl het lichaam nog aan het nadenken is over zelfstandig aan de wandel gaan, kunnen de gezichtspieren al tientallen fijn aangestuurde functies uitoefenen.

In die eerste anderhalf jaar gebeurt er inderdaad heel veel in een kind, zowel lichamelijk als geestelijk en psycho-emotioneel. Zoveel in feite, dat je eerder kunt spreken van een stroomversnelling met hier en daar een rustig stukje dan van rust met hier en daar een sprongetje. Van een pasgeborene die zich alleen reflexmatig kan bewegen tot een peuter die in de gordijnen klimt in 18 maanden. Van een bundeltje waar enkel dierlijke geluidjes uitkomen tot een peuter die je, in al dan niet verstaanbare taal, de oren van het hoofd kletst in 18 maanden. Van een engelachtig wezentje zonder bewustzijn tot een gedecideerd ‘’Nee, wil niet!’’ verklarende peuter in eveneens 18 maanden. En dat allemaal tegelijk en nog wel meer.

Het zou eigenlijk best wel handig zijn als al die ontwikkelingen zo voorspelbaar op een bepaald moment zouden plaatsvinden. Je kan dat dan op de kalender aantekenen en er in je agenda planning rekening mee kunnen houden. ‘’Twee januari? Nou, nee, dan liever niet want dan gaat Junior waarschijnlijk voor het eerst staan. Zou de vijfde jou uitkomen? Dan heb ik nog net even tijd voor Junior’s eerste stapjes langs de bank.’’ Maar nee, zo makkelijk kom je er als ouders niet vanaf. Naar alle waarschijnlijkheid doet jouw Junior dat allemaal een maand eerder of twee maanden later, of omgekeerd, of nog anders. Neem nu die eerste stapjes. Sommige kinderen beginnen daarmee als ze nog maar een maand of tien zijn, anderen wachten liever af tot ze zeker weten dat ze niet meer vallen en gaan pas met een maand of 18 daarmee aan de gang.

De persoonlijkheidsontwikkeling verloopt net zo onvoorspelbaar. Er zijn wel een paar grote lijnen te onderscheiden in de bewustzijnsontwikkeling. Zo zie je een eerste ontwaken ergens rond de zes weken als de blik net iets helderder wordt. Maar rond de drie manden is er een echt wakker worden van het bewustzijn. Dat uit zich in interesse in de omgeving en sociale interactie. Veel handelingen gebeuren dan niet meer reflexmatig maar vanuit meer of minder bewuste bedachte actie. Bij borstvoeding uit zich dat bijvoorbeeld in een andere drinktechniek, korte voedingen en veel afgeleid zijn. Maar ook in het onderbreken van het drinken om zijn moeder stralend toe te lachen. Drie à vier maanden is ook de tijd die het kind nodig heeft om zijn geboortegewicht te verdubbelen.

Een volgende belangrijk stap komt dan ergens in het midden van het tweede halve levensjaar, zo rond de negen maanden. Het kind wordt zich dan bewust van het feit dat hij en zijn moeder twee entiteiten zijn. De eenkennigheid slaat toe en de nachten worden beangstigender. Deze fase gaat gepaard met allerlei veranderingen op lichamelijk gebied, zoals gaan zitten en staan, andere mondmotoriek, anderen spijsverteringsmogelijkheden en tanden krijgen. De ‘’sprongen’’ hier kunnen voor de toeschouwende ouder het karakter lijken te hebben van de paniekerige achtervolgingen in de film Jumper (illustratie). En dan zijn er ook kinderen die hier schijnbaar moeiteloos doorheen laveren en er nauwelijks erg in lijken te hebben. De energie die nodig is voor al die ontwikkelingen komt vrij voor gebruik, omdat er minder nodig is voor groei. Tegen de eerste verjaardag weegt het kind tweeënhalf tot drie keer wat hij bij zijn geboorte woog.

Dan is het op het bewustzijnsvlak eventjes rustig terwijl de lichamelijke ontwikkelingen voorrang hebben: leren kruipen, lopen, rennen en klimmen. Rond de anderhalf jaar komt de grootste verandering: de ontdekking van het Ik. Het kind ontdekt dat hij zelf een aparte entiteit is met een heel eigen persoonlijk voornaamwoord. Ik. Ik ben. Ik wil. Ik kan. Ik wil niet. Nu kan het kind zich ook bewust worden van de effecten die zijn acties hebben en dus bewust plannen iets te doen om een gewenst effect te bereiken. Maar natuurlijk gebeurt dit niet op één vastgesteld tijdstip. Het is een proces dat ergens rond deze tijd begint en met stukjes en beetjes  gevormd wordt. Net als al die processen. Het ontdekken van het ik en de wil is geweldig en kan geweldig verwarrend zijn. Tijd om ook weer de troost en veiligheid van de moederborst te zoeken. Vaak, kort, snel, of soms juist weer lang en knuffelig zoals een baby. Met alle branie en zelfoverschatting die hoort bij de ontdekking van het eigen Ik is bevestiging nodig van de altijd aanwezige en onvoorwaardelijke liefde en acceptatievan de moeder. Borstvoeding gaat allang niet meer voornamelijk over eten, maar de voedingswaarde is mooi meegenomen voor een peuter die geen tijd heeft voor uitgebreide maaltijden. Borstvoeding is nu vooral de accuoplader, de haven en de safe room.

Ach, en die sprongetjes? Die zijn er zoveel dat je vast wel voor elk dagje met een minder humeur, meer huilen en meer pijntjes een sprongetje bij de hand hebt, dat komt, of net was, om dat te verklaren. Of je kind heeft gewoon zijn dag niet, net zoals je het zelf wel eens niet hebt. Of je komt er tegen vijven achter dat je vergeten bent wat eten er in te stoppen en hij heeft gewoon even een laag bloedsuikerspiegelmomentje.

Plooij F, Plooij FX: Oei, ik groei! Met illustraties door Jan Jutte
ISBN 9789021543840<http://www.bol.com/nl/p/oei-ik-groei/1001004002051695/> Lees vooral ook de commentaren!

maandag 11 november 2013

elf-elf

Foto: Pompoen-lantaarn met een borstvoedinglogo

Vandaag is het elf-elf. De dag van Martinus die zijn mantel deelde met een bedelaar. De dag dat mijn neefje jarig is. De dag dat in het zuiden van het land het carnavalsseizoen wordt geopend. De eerste dag dit jaar dat de auto’s wit beslagen waren en de buren stonden te krabben. Een dag vol met thema’s dus. Op de achtergrond filmmuziek en uitzicht op een zonbeschenen achtertuin in herfstmodus. Later deze week ga ik met mijn dochter-de-pedagoog naar Alfie Kohn en al mijn klachten en kwaaltjes zijn op dit moment verdwenen. Laat de week maar beginnen.

Sint Maarten is een feestdag ter nagedachtenis van Martinus van Tours. Het wordt gezien als een bedelfeest aan het begin van de winter. De heilige Martinus deelde zijn warme mantel met een bedelaar, bij zijn bedelfeest gaat het om voedsel. Kinderen die zingend langs de deuren gaan krijgen fruit of snoepgoed. (In vroeger tijden was het een welkome aanvulling op het schaarse menu van arme mensen.  Waar ik woon zijn niet heel veel arme mensen, maar ik ga straks toch maar even een kistje mandarijnen inslaan, je weet maar nooit. En als ik nog tijd over heb, ga ik die mooie pompoen uithollen om met een lichtje erin bij de deur te zetten. Kinderen helpen met eten verzamelen is per slot mijn werk.

Dan dat jarige neefje*. Nou, dat –je mag er wel af. Ik moet op mijn tenen gaan staan als ik hem mijn verjaardagskus geef. Wat dat betreft lijkt hij op zijn neven, mijn zoons. Of dat nu komt door het krachtvoer dat ze allemaal hebben gehad van hun moeders of dat het gewoon in de genen zit, het zijn allemaal grote, lange mannen geworden. Ze zorgen er mede voor dat de Nederlandse mannen hoog in de statistieken van langste mensen in de wereld blijven staan. Mijn zus en ik zijn niet uitzonderlijk lang, noch zijn de vaders van onze kinderen dat. Ze hebben wel allemaal langer dan de culturele normen borstvoeding gehad. Terwijl het toch juist de consumptie van koemelk is die bevolkingen lang maakt. De langste mensen wereldwijd komen uit omgevingen met veel melkveehouderij. Statistieken zijn kennelijk ook niet alleen zaligmakend. Dat is iets dat ik vaak moet uit leggen wanneer mensen zich afvragen waarom hun volledig borstgevoede kind toch ziek kan worden of anders kan reageren op bepaalde zaken dan als gemiddeld voor borstkindjes wordt aangemerkt. Gemiddelde bestaan slechts bij gratie van de uitersten. Zoals mijn zoons en neefjes duidelijk aantonen.

Een vriendin van mij is tussen 11-11 en carnaval nauwelijks aanspreekbaar. Ze is al lange tijd lid van de plaatselijke carnavalsvereniging en heeft daar vele verantwoordelijkheden. U, nuchtere noorderling die dit leest, dacht misschien dat carnaval enkel gaat om vrolijkheid en flauwekul, maar neen, het is een Zeer Serieuze Aangelegenheid. Het is omgeven met draaiboeken en rituelen. Borstvoeding geven lijkt voor sommigen net zo een Zeer Serieuze Aangelegenheid te zijn, omgeven met draaiboeken, protocollen en rituelen. Vaak verloopt borstvoeding toch eens tuk beter wanneer er plaats is voor een kwinkslag en een doe nou maar gewoon je ding, dan komt alles goed. Een gevende borst en een gewillig kind dat niet in de weg gezeten wordt. Terwijl manlief en ik van het weekend TV keken kwam er een aankondiging voorbij van een nieuw programma over het geheim van een goed huwelijk. Wel, voor manlief was het zo al duidelijk wat ons geheime protocol voor een gelukkig huwelijk is: gewoon mekaar niet in de weg zitten. Ik kan niet anders dan het volmondig met hem eens zijn. Al 3x11 jaar lang.

*) Eigenlijk is hij niet vandaag jarig , maar overmorgen. Maar ik heb altijd die associatie met zijn verjaardag met Sintmaarten, ik weet niet waarom. Dus doe ik maar ent of hij inderdaad  vandaag jarig is. Noem het dichterlijke vrijheid.

dinsdag 27 augustus 2013

Gezond

Foto: Gedroogde Gojibessen worden gezien als een superfood. Deze bessen komen van de boksdoorn, een plant uit de nachtschade familie. Veel leden van deze familie zijn giftig of hebben giftige delen en worden medicinaal gebruikt of als alledaags voedsel (onder andere tabak, tomaat, aubergine, wolfskers, paprika, doornappel, aardappel, zwarte nachtschade). Aan tomaten worden deels dezelfde eigenschappen toegedicht die ook gojibessen heten te hebben.

Wij worden om de oren gegooid met gezond. Gezond worden en gezond zijn is de queeste van de moderne mens. Vrijwel alles wat we doen of niet doen, wat we eten en drinken of juist niet wordt vertaald naar gezond of ongezond. Voor volwassenen zijn op het moment de superfoods in de mode. Speciale bessen, bij voorkeur uit hooggelegen Verweggistans waardoor de ecologische voetafdruk astronomisch wordt, zouden je binnen de kortste keren supergezond maken. Nu heb ik altijd geleerd dat je je wel ergens ziek aan kan eten, maar niet gezond. Het is een complete fabel dat je door het in grote hoeveelheden eten van een enkel geïsoleerd voedingsmiddel gezond kunt worden. Het klopt wel dat met name bessen allerlei goede eigenschappen bezitten, meer dan sommige andere soorten fruit, maar gezonde voeding is altijd een kwestie van balans en combinaties. En daarin mogen dan zelfs dingen zitten die algemeen bekend staan als ongezond, zolang ze maar niet de overhand krijgen en eerder uitzondering blijven. Een aardig gezonde vuistregel is: eet. Geniet van je eten. Eet bewust. Eet vooral planten. Wees zuiniger met dierlijk voedsel. Wees erg zuinig met genotmiddelen (inclusief suiker en zout). En als je dat gezonde eten dan vooral uit je eigen regio haalt en binnen het natuurlijke groeiseizoen is het nog gezond voor het milieu ook.

Maar goed, dat weet mijn trouwe lezer natuurlijk allemaal al lang. Ik wilde het eigenlijk liever hebben over de definitie van gezond en over wat gezondheid bepaalt, hoe je meet en dan vooral bij jonge kinderen. Het lijkt erop dat, sprekend over de gezondheid van zuigelingen en peuters, vooral het gewicht en de lengte van doorslaggevend en bepalend belang zijn. Nauwgezet wordt bij elk consultatiebureau bezoek gemeten en gewogen. De cijfertjes worden nauwkeurig genoteerd en in een grafiek opgetekend. En dan begint voor veel moeders de ellende. Baby is te klein, te groot, te mager of te dik. Nooit goed. Het gewicht hangt als een zwaard van Damocles boven de gezondheid van het arme wichtje. En zo onnodig, want het gewicht zegt in feite zo weinig. Het noteren van het gewicht en de lengte en dat vergelijken met de vorige optekening zegt maar 1 ding: zijn lengte en gewicht ten opzichte van de vorige keer veranderd? De interpretatie van het antwoord op die vraag kan heel divers zijn.

Groei is maar één van de factoren die bepalend zijn voor gezondheid. Uiteraard zal een kind dat onvoldoende eten krijgt weinig of niet groeien en ook geen voeding voor gezondheid en ontwikkeling hebben. In dat geval is de lage groei of het afvallen inderdaad symptomatisch voor ongezond zijn. Maar de achterblijvende groei en ontwikkeling kunnen ook voorkomen bij een kind dat op zich wel voldoende voedsel binnen krijgt, maar het door bijvoorbeeld een stofwisselingsziekte niet of onvoldoende kan opnemen. Of het kind krijgt net zo veel of meer eten als leeftijdsgenootjes, maar hij heeft een persoonlijk groeipatroon dat afwijkt van het gemiddelde. Hij is wellicht geboren in een familie van lange magere mensen of juist van korte en gedrongen mensen.

Het gewicht van een kind zou nooit de enige factor mogen zijn om te bepalen of een kind gezond is en of er maatregelen genomen moeten worden. Gewicht en lengtegroei moeten altijd onderdeel zijn van het grotere plaatje bestaande uit groei, gedijen en ontwikkeling. Een kind dat volgens de overzichten te weinig groeit, maar actief is en zich binnen normale grenzen of sneller ontwikkeld is een gezond, maar klein kind. Een kind dat perfect op de gemiddelde lijnen voor lengte en gewicht zit, maar lusteloos is en zich traag ontwikkelt, is ondanks zijn goede groei niet gezond. Tenzij die tragere ontwikkeling bij hem hoort vanwege zijn aanleg en hij niet lusteloos is, maar van een weinig actieve aard. Dan is hij gezond volgens zijn eigen standaarden.

Tragere of mindere groei kan natuurlijk wel een teken van een haperende gezondheid zijn. In plaats van direct de borstvoeding de schuld te geven of meer eten in de fles te doen, kan ook worden gekeken naar andere oorzaken voor groeivertraging. Is er sprake van een aangeboren groeiprobleem of een metabolisch probleem? Is er sprake van ziekte of allergie die veel energie kost? Bij kinderen die borstvoeding krijgen is het natuurlijk altijd goed eerst even de technieken van aanleggen en drinken te bekijken en het aantal keren per etmaal dat een kind aan de borst gaat. Want soms krijgt een kind inderdaad gewoon te weinig eten.

maandag 22 juli 2013

Macht

Foto: Vandaag jarig: Louise Fletcher, wellicht het meest bekend door haar rol als kwaadaardige psychiatrische verpleegkundige Nurse Ratched in One Flew Over the Cuckoo's Nest (1975)

Vandaag is de verjaardag van Louise Fletcher, die als de kwaadaardige Nurse Ratched die een psychiatrische inrichting terroriseerde. Mensen kunnen vertellen wat goed en fout is en hen kunnen dirigeren te doen wat jij wilt, is een machtspositie die inherent gevaarlijk is. Maar weinigen kunnen de druk weerstaan om daar vooral zelf beter van te worden. En tenzij je een actrice bent die er het beste van haarzelf als actrice uithaalt, is dat meestal geen goed idee. Er zijn betere manieren om macht uit te oefenen en tegelijk het beste in andere mensen naar boven te halen. Een van die dingen is om zo veel mogelijk mensen te laten weten wat zuigelingenvoeding doet voor een kind op korte en lange termijn en om het moeders mogelijk te maken borstvoeding te geven, zodat zij het beste uit zichzelf en in hun kind naar boven kunnen halen. Zo jammer dat veel mensen met macht zich voor het karretje van het grote geld laten spannen met als enig resultaat  de macht van de karbestuurders te vergroten. Vandaag wat stukjes over de macht van zuigelingenvoeding en exclusiviteit.
Groei en gezondheid
Volgens de uitkomsten van de laatste groeimonitor van TNO worden Nederlandse kinderen eindelijk niet meer langer, maar wel zwaarder. En dat is allebei volgens de onderzoekers niet goed. Kinderen groeien mogelijk niet verder in de lengte omdat wegens de daling in de welvaart sinds 2000 Nederland niet meer aan kop loopt in de kwaliteit van gezondheidszorg en ze worden te dik door andere, niet gespecificeerde oorzaken. Je kunt je afvragen of steeds maar langer worden wel zo nastrevenswaardig is. Lange mensen hebben meer problemen in het bewegingsapparaat en de rug.
De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) heeft ook onderzoek gedaan naar de groei in lengte en gewicht van kinderen. Zij keken niet naar totale populaties, maar naar kinderen in 5 regio's van de wereld die niet in armoedige omstandigheden leefden en die volgens de best inzichten aangaande zuigelingen- en kindervoeding en met professionele ondersteuning waar nodig werden gevoed. Dit houdt in borstvoeding zonder restricties en zonder andere voeding gedurende de eerste 6 maanden en borstvoeding naast geschikte andere voeding tot 2 jaar of langer.
Als deze Universele Groeistandaarden ook op de Nederlandse consultatiebureaus zouden worden gebruikt en als ouders goed zouden worden voorgelicht en begeleid om hun kinderen zo te voeden dat zij volgens deze standaarden gezond groeien, zou dat wel eens een grote stap voorwaarts kunnen zijn in de richting van een gezonde ontwikkeling van de lengte en het gewicht van de gehele Nederlandse populatie.
21 augustus 2010
en
Hergebruik van ontdooide moedermelk is veilig
Veelal wordt aangenomen dat vers ingevroren moedermelk die ontdooid is geweest niet opnieuw kan worden ingevroren en na enkele uren moet worden weggegooid. Onderzoek van Rechtman et al namens Prolacta Bioscience (een commerciële organisatie voor moedermelk-banking en onderzoek) toont echter aan dat moedermelk wel tegen een stootje kan en geen ongewenste bacteriegroei vertoont wanneer de melk na ontdooien op koelkast- of kamertemperatuur wordt bewaard tot wel 8 uur en vervolgens weer wordt ingevroren. Ook de voedingswaarde blijft vrijwel gelijk, hoewel de hoeveelheid vitamine C bij langer bewaren of bij bewaren op kamertemperatuur wel kan teruglopen.
23 augustus 2010
en
Exclusief borstvoeding: hoger IQ
In een grote, jarenlang studie onderzochten Kramer et al van de PROBIT onderzoeksgroep de effecten van het toenemen van exclusief borstvoeding geven op de intelligentie en schoolprestaties van kinderen van 6,5 jaar. Onderzocht werden in totaal ruim 17.000 kinderen geboren in 31 ziekenhuizen. De ziekenhuizen werden willekeurig verdeeld over de groep waar volgens de richtlijnen van BFHI werd gewerkt aan het verhogen van de cijfers voor incidentie, duur en exclusiviteit van borstvoeding en ziekenhuizen die op de oude manier verder werkten. De ziekenhuizen die volgens BFHI gingen werken gaven een duidelijke toename van duur van borstvoeding en van exclusiviteit op 3 maanden te zien. Bij de IQ testen toen de kinderen 6,5 jaar waren bleek bij de jongens een gemiddeld hoger IQ van 8 punten te kunnen worden vastgesteld en bij de meisjes gemiddeld 7 punten in vergelijking met de kinderen geboren in ziekenhuizen zonder interventie.
23 augustus 2010
en
Exclusief menselijke melk beschermt de allerkleinsten
Exclusief borstvoeding zonder toevoegingen van niet menselijke oorsprong is de beste bescherming tegen infecties die een pasgeborene kan krijgen. Te vroeg geboren kinderen vormen daarop geen uitzondering. Extreem vroeg geboren kinderen hebben extra voeding nodig die de onbewerkte melk van hun eigen moeder niet altijd kan leveren. Zij krijgen een moedermelkversterker (HMF). Deze is overwegend gemaakt op basis van niet-menselijke melk. Sullivan et al onderzocht of die niet-menselijke toevoegingen een risicoverhogend effect hebben voor deze extreem premature kinderen. Uit hun onderzoek bleek dat kinderen die moedermelk krijgen met HMF op basis van menselijke melk beduidend minder necrotiserende enterocolitis (NEC) krijgen en ook minder vaak NEC waarvoor operatie nodig is.
Dit onderzoek werd uitgevoerd door een grote groep onderzoekers in verschillende Amerikaanse staten en is gedeeltelijk gefinancierd door Prolacta Bioscience
25 augustus 2010

Sullivan S, Schanler RJ, Kim JH, Patel AL, Trawöger R, Kiechl-Kohlendorfer U, Chan GM, Blanco CL, Abrams S, Cotten CM, Laroia N, Ehrenkranz RA, Dudell G, Cristofalo CA, Meier P, Lee ML, Rechtman DJ, Lucas A: An Exclusively Human Milk-Based Diet Is Associated with a Lower Rate of Necrotizing Enterocolitis than a Diet of Human Milk and Bovine Milk-Based Products. The Journal of pediatrics 1 April 2010 volume 156 issue 4 Pages 562-567.e1
Kramer MS, Aboud F, Mironova E, Vanilovich I, Platt RW, Matush L, Igumnov S, Fombonne E, Bogdanovich N, Ducruet T, Collet JP, Chalmers B, Hodnett E, Davidovsky S, Skugarevsky O, Trofimovich O, Kozlova L, Shapiro S; Promotion of Breastfeeding Intervention Trial (PROBIT) Study Group: Breastfeeding and child cognitive development: new evidence from a large randomized trial. Arch Gen Psychiatry. 2008 May;65(5):578-84.
Rechtman, D. J., Lee, M. L., & Berg, H. (2006). Effect of environmental conditions on unpasteurized donor human milk. Breastfeeding Medicine, 1, 24-26.
A Côté A, Bairam A, Deschenes M, Hatzakis G: Sudden infant deaths in sitting devices. Arch Dis Child  2008;93:384-389  

vrijdag 16 november 2012

Rauw

Foto: Arnold Schwarzenegger lust de boeven rauw als Mark Kaminsky/Joseph P. Brenner in Raw Deal
Ik kreeg op doktersvoorschrift een voedingssupplement. Vitamine D3 met calcium wil hij  dat ik slik, want mijn vitamine D voorraden bleken bij controle redelijk laag. Kalk hoort erbij, want als vrouw van middelbare leeftijd heb ik daarvan waarschijnlijk per definitie te weinig. Degene die bedacht heeft dat het een goed idee is om kalk in de vorm van kauwtabletten te geven moesten ze ~*~*~censuur~*~*~*~. Een mengsel van suiker en kalk: fijngemalen schoolbordkrijtjes en suikerklontjes, en daar moet je even lekker op gaan zitten knauwen. Als dit proefpotje leeg is, ga is zo snel ik kan over op gewone vitamine D pilletjes of druppeltjes. De kalk haal ik wel uit mijn eten en die suiker kan ik missen als kiespijn. Op de begeleidende brief van de apotheek staat ook een hoofdstukje over wat ik zelf kan doen om mijn gezondheid op dit punt te verbeteren. De eerste zin begint met ‘’eet gezond’’. Ja. Dus. Du-uh. Gôh. Jóh!
Gezond eten, hoe bedenken ze het. Maar wat is gezond eten eigenlijk? Dat is nog niet één-twee-drie te achterhalen. Daar is het laatste woord nog niet over gezegd. Wat voor de een het summum van gezond is, is volgens de ander niet veel beter dan vergif. En omgekeerd. En de derde vindt allebei de alternatieven maar niks en stelt nog iets anders voor. Wilde dieren hebben het makkelijk, die eten gewoon wat hun ouders aten van wie ze het leerden. Of van de rest van de kudde of de roedel. Dieren weten instinctief wat ze nodig hebben en van sommige kuddedieren is bekend dat de leidende wijfjes doelgericht de kudde leiden naar plaatsen waar planten groeien die de kudde op dat moment nodig heeft. Van elke diersoort zijn voeding en spijsvertering op elkaar afgestemd. Hoe grover en moeilijker te verteren het voedsel is, hoe uitgebreider en specifieker het spijsverteringssysteem.
Grof plantaardig materiaal is lastig te verteren en heeft voorvertering nodig om de voedingsstoffen opneembaar te maken. Dieren die van dat grove plantaardige materiaal eten hebben daarom soms meerdere magen, agressievere spijsverteringsenzymen en een uitgebreider darmsysteem. Dieren die veel pitten en zaden eten hebben een gebit dat meer op maalstenen lijkt of ze hebben maalstenen (ingeslikte steentjes) in hun maag. Vleeseters hebben ook plantaardige voeding nodig, maar dat kunnen ze zelf niet verteren. Ze eten daarom vaak als eerste de ingewanden van hun prooidier. Daarin is het plantaardige materiaal voorverteerd. Zij eten hun groenten gekookt, als het ware.
Mensen zijn, als je afgaat op het gebit en het spijsverteringsstelsel, alleseters. We lijken daarin op honden, varkens en chimpansees. Hondachtigen zijn alleseters met een neiging naar meer nadruk op de vleeskant, chimpansees meer naar de plantaardige kant. Chimpansees staan ons het dichts nabij, maar zij hebben veel krachtiger kaken. De verre voorouders die wij met de chimpansee gemeen hebben, hadden ook die zware, sterke kaken, dus ooit heeft ons voorgeslacht wellicht hetzelfde eetpatroon gehad als de chimpansee.  Er is natuurlijk een reden waarom wij mensen ons ontwikkeld hebben tot een soort die lichamelijk minder krachtig is, maar mentaal ver boven elke dierlijke vergelijking uitstijgt.
Onderzoekers gaan er inmiddels vanuit dat er twee grote veranderingen zijn die hebben bijgedragen aan de evolutie tot de moderne mens. De eerste was het rechtop gaan, waardoor onze handen vrij kwamen voor andere dingen, bijvoorbeeld jagen. Mogelijk heeft dat geleid tot een verschuiving van de nadruk van voornamelijk plantaardig naar halfom plantaardig en dierlijk. De grotere toevoer van eiwitten en makkelijk opneembare dierlijke nutriënten kan een belangrijke factor zijn geweest in de groei van de hersenen. De andere was de ontdekking van het vuur. Door het voorverteren van plantaardige en dierlijke voedselbronnen door middel van verhitten worden deze makkelijker opneembaar en is er dus meer voeding werkelijk beschikbaar voor opname. Op die manier hoeft niet meer alle beschikbare tijd te worden besteed aan het verzamelen van voedsel, maar blijft er –alweer- tijd over voor andere dingen. Beter opneembare voeding zorgt ook voor een snellere hersenontwikkeling, doordat er meer voedsel voor die hersenontwikkeling beschikbaar is, maar ook vanwege die extra vrije tijd om die hersenen te gebruiken.
Rauw voedsel is voor een mens niet de natuurlijkste voeding en ook niet echt gezonde voeding wanneer het als enig voedsel wordt gebruikt. Het is vrijwel onmogelijk om met enkel rauw voedsel, vooral als het ook nog van uitsluitend plantaardige oorsprong is, voldoende voedingstoffen voor groei en ontwikkeling binnen te krijgen. Het is mogelijk een goede manier om af te vallen voor mensen met overgewicht. Voor kinderen is het bij uitstek onvoldoende en ongezond*. Kinderen moeten in een paar jaar tijd ongelooflijk hard groeien en maken een grote hersenontwikkeling door. Daarvoor is veel voeding nodig van goede kwaliteit en goede opneembaarheid.
Bij de baby begint het met borstvoeding, natuurlijk. Na de eerste maanden met enkel borstvoeding komt er een aanvulling met ander eten. Zeker in het begin als het kind alleen nog maar ervaring heeft met melk moet dit makkelijk verteerbaar zijn, anders heeft het kind er geen baat van. Hij verbruikt dan meer energie aan pogingen tot verteren dan dat het voeding oplevert. Gaandeweg wordt het vaste voedsel steeds belangrijker als primaire voedselbron. Hij wordt steeds beter in het verteren van en opnemen van nutriënten uit vast voedsel. Maar om echt tot een gunstige netto opbrengst te leiden zal het goed verteerbaar moeten zijn. want hoe veel een mens ook oefent, zijn spijsverteringsstelsel is niet gemaakt op het verteren van enkel rauw plantaardig materiaal.
*) 1Vandaag: Raw food-dieet: kan en moet de overheid ingrijpen?

donderdag 25 oktober 2012

Perceptie

Foto: Eric McCormack als Daniel Pierce, die met zijn geheel eigen perceptie van de wereld de waarheid in gecompliceerde zaken boven tafel haalt in de TV serie Perception
Als een hamer je enige gereedschap is, ziet alles eruit als een spijker. Ik vind dat zo’n mooi spreekwoord. Ik zie dan een Hornbach-achtige reclame voor me, met zo'n stoere werkman met een levensgrote hamer, helemaal gefocust op zijn doel, die overal een flinke mep op geeft. Want als hij kijkt heeft alles de vorm van een spijker. Wat je waarneemt wordt overduidelijk gekleurd en ingevuld door wat je weet, wat je denkt te weten en wat je perceptie ervan is. De enige die echt ziet wat er is, is het heel jonge kind. Het kind dat nog geen referentiekader heeft, heeft ook nog geen perceptie, geen referentiekader. Niets is raar of vreemd, want alles is nog onbekend en nieuw en anders.
Wie al wat langer mee gaat en meer heeft meegemaakt ziet de wereld anders. Ziet andere mensen anders. Ziet zichzelf anders. Een leuk experiment hiermee dat iedereen kan uitvoeren is om aan twee heel verschillende mensen een routebeschrijving tussen dezelfde punten te vragen en te vragen om herkenningspunten tijdens de route. De een zal het dan hebben over karakteristieke bomen en de andere over auto’s en technische winkels, terwijl een ander zal waarschuwen voor de panden met grote waakhonden. Als manlief en ik elkaar de weg moeten wijzen, komen we steevast verkeerd uit. ‘’Ford garage? Heb ik helemaal niet gezien. Ik ben bij die koe met die wildbreiwerk jas afgeslagen.’’ Zo ongeveer kan dan een gesprek gaan als we elkaar weer gevonden hebben.
Moeders over de hele wereld hebben eigenaardig genoeg een vrijwel exact gelijke perceptie van hun vermogen om moedermelk van goede kwaliteit te produceren. Te weinig melk staat universeel in de top drie van redenen om te stoppen met borstvoeding of om ander voedsel bij te geven. En even universeel is dat, in het overgrote deel van alle gevallen, een onterechte perceptie. Het is uiterst zeldzaam dat een vrouw die een kind heeft gedragen en gebaard vervolgens niet in staat is haar kind te voeden. Maar moeders lijken universeel alles wat er mis is aan zichzelf te wijten en, als zij voedende moeder zijn, aan hun vermogen om voldoende en goede melk te maken. Van de weeromstuit, lijkt het wel, gaan ook andere mensen denken dat alles wat er fout gaat aan de borstvoeding ligt. Kind huilt te veel of te weinig? Kind slaapt te veel of te weinig? Kind groeit te hard of te langzaam? Allemaal de schuld van de borstvoeding. En dus allemaal de schuld van de moeder. Moeder is altijd fout.
Fout. Die perceptie is fout. Niet de moeder. Niet de borstvoeding. Niet de baby. De perceptie. En dingen die worden gedaan op basis van die foute perceptie. De perceptie van de baby is de juiste: dit is mijn moeder, dat is haar borst, daar moet ik zijn, dan komt alles goed. Een vrouw die een kind heeft gedragen en gebaard is naar alle waarschijnlijkheid in staat dat kind jarenlang te voorzien van ruimschoots voldoende en goede melk. Voorwaarden voor het waarmaken van die belofte zijn de aanwezigheid van voldoende functionerend klierweefsel en een adequaat werkend hormoonstelsel aan de kant van de moeder. En daarbij een baby die het grootste deel van zijn tijd doorbrengt in de directe nabijheid van zijn moeder, bij voorkeur tegen haar lichaam aan, die frequent en met een effectieve techniek aan de borst drinkt.
Een baby die goed in zijn vel zit, die over langere tijd gemeten gemiddeld binnen normale waarden groeit en zich naar verwachting ontwikkelt krijgt voldoende te eten. Wijkt een van die parameters af dan wordt eerst gekeken of de baby vaak genoeg en effectief genoeg aan de borst drinkt, vervolgens wordt gekeken naar andere mogelijke oorzaken van het probleem (weet je, eten is belangrijk, maar lang niet de enige factor die groei, gedijen en ontwikkeling bepaalt!). Als dan nog geen oorzaak is gevonden kan nog eens naar de borstvoeding worden gekeken: is er voldoende klierweefsel, zijn er hormonale problemen, is er een variatie in de anatomie van moeder of kind, …? En sla bij twijfel over de borstvoeding alle half-deskundigen en zelf-verklaarde deskundigen maar over en ga gelijk naar de echte deskundige op het vlak van de menselijke lactatie en de begeleiding bij borstvoeding: de lactatiekundige. Haar of zijn perceptie van het probleem zal naar alle waarschijnlijkheid heel anders zijn.Vanaf vandaag is er weer een heel nieuwe lichting vers-gecertificeerde IBCLC's en een aantal gerecertificeerde veteranen.

maandag 20 augustus 2012

Goed, slecht en lelijk.

Foto: Clint Eastwood als Blondie/The Good, Eli Wallach als Tuco/The Ugly en Lee Van Cleef als Sentenza/Angel Eyes/The Bad in The Good, the Bad and the Ugly (1966)
 ‘’In mijn familie zit slechte melk’’ las ik op Twitter. Zij had het een kleine 20 jaar geleden en haar tante in de jaren 50 van de vorige eeuw. Sommige vrouwen schijnen dat nu  nog te hebben. De remedie blijkt meestal te zijn dat ze er kunstvoeding voor in de plaats geven of al vroeg aan fruit beginnen en dan komt alles toch nog goed. Min of meer. In deze verhalen, die ik veel vaker hoor, komt de borstvoeding eruit als de Slechterik, de kunstvoeding als de Goede en mensen die zeggen dat dat niet klopt als de Lelijke.
Nou is het maar goed dat ik nooit vanwege mijn looks ergens voor ben uitgekozen, zo kan ik zonder moeite de rol van de Lelijke op me nemen. Slechte melk bestaat niet. Slechte melk (als in moedermelk met te weinig voedingswaarde) is net zo’n ongelooflijk sprookje als ‘’van verkrachting kan een vrouw niet zwanger worden’’ (geproclameerd door een Amerikaanse senator in de running voor de presidentsverkiezingen)*. Dit zijn sprookjes die door iedereen met enige rudimentaire kennis van biologie zonder een extra gedachte van tafel moeten worden geveegd. Afgezien van een uitzonderlijke enkeling met een aangeboren afwijking of ziekte is moedermelk, net als bloed altijd, zonder mankeren van de goede samenstelling. Maar, net als bij bloed, kan er wel van alles misgaan door ziekte of mismanagement.
Wie het liedje al kent mag meezingen: dat wat is ontworpen en evolutionair vervolmaakt als eerste voorwaarde voor het overleven van het individu en daarmee van de soort is per definitie goed van samenstelling. Dit is een biologische wet. De mens zou niet de dominante soort op aarde zijn als zijn eerste middel tot overleving, groei en ontwikkeling zo krakkemikkig was als men vaak wil doen geloven. (Voor wie liever niet op biologie en evolutie, maar op Creationisme afgaat: het is een belediging voor je Schepper om te geloven dat dat eerste middel tot overleven en opgroeien van zijn beste creatie zo krakkemikkig zou zijn ontworpen.)
Dat gezegd hebbende, moet ik toegeven dat het toch soms, of vaak, lijkt fout te gaan met die voeding en zijn er inderdaad kinderen die onvoldoende groeien, en niet gedijen op borstvoeding. Toch slechte melk dan? Of toch mismanagement? Op basis van biologische principes mag je er van uit gaan dat vrouwen díé melk maken, goede melk maken, net zoals lichamen die bloed maken goed bloed maken. Alleen zwaar ondervoede vrouwen (na een langdurig veel te lage BMI) kunnen melk van mindere kwaliteit maken en ook te weinig melk. Deze vrouwen worden om te beginnen vaak al niet zwanger. Dan zijn er nog kinderen die problemen hebben met de opname van voedsel en die daarom slecht groeien. Het overgrote deel van onvoldoende groei bij volledig borstgevoede kinderen is echter te wijten aan mismanagement. Er is melk, er is goede melk, er is in principe ook voldoende melk, maar om een of andere reden krijgt de baby niet binnen wat hij nodig heeft. Hij kan algemeen te weinig krijgen of hij kan niet het deel van de melk krijgen dat hij nodig heeft.
De manier waarop kinderen in onze samenleving gemiddeld borstvoeding krijgen is niet bevorderlijk voor een goede melkaanmaak en goede melkinname. Er wordt te veel geprutst met aanleggen, er worden te vroeg en verkeerde hulpmiddelen gebruikt en vooral wordt er niet vaak genoeg gevoed. In de eerste dagen is vaak voeden van essentieel belang om überhaupt voldoende voeding binnen te krijgen omdat colostrum in zulke kleine beetjes komt. Dat is goed. Dat hoort zo. Dat is zo ontworpen. Daarna moet een kind vaak gevoed worden omdat de voeding minder geconcentreerd wordt en hij er meer van nodig heeft om alle voedingstoffen die hij nodig heeft binnen te krijgen. Ook om de borsten te prepareren voor de mogelijkheid om voldoende melk te maken en te blijven maken in de maanden en jaren die komen. Vooral om de borsten leeg te houden, zodat de melk vetter blijft en het kind er meer energie voor groei uit haalt.
Door de indoctrinatie van de kunstvoedingindustrie, naar ouders toe, maar vooral ook naar de medici en zorgverlenerswereld toe, is deze kennis verloren gegaan en worden borsten gezien als ondoorzichtige containers die worden gevuld met een standaard hoeveelheid vloeistof met een standaard samenstelling, die mogelijkerwijs niet volstaat. Containers waaruit kinderen op een standaardmanier worden gevoed. Een standaard manier die geen enkele overeenkomst vertoont met de biologische blauwdruk van het kind.
De gemiddelde kinderarts, die werkt met wat hij tijdens zijn decenniumlange opleiding heeft geleerd over borstvoeding, weet minder over borstvoeding dan wat een beginnende dierenartsassistente weet over het zooggedrag van een hond. Dat geeft niet, hij weet, naar we aannemen, veel meer over een boel andere belangrijke dingen aangaande kinderen. Maar zonder degelijke bijscholing erover, moet hij zich dan maar liever niet bemoeien met de voeding van zuigelingen en dat overlaten aan echte deskundigen. Echt, de geloofwaardigheid wordt meer bevestigd door te zeggen dat je het niet weet en door te verwijzen naar een specialist, dan met een geleerd gezicht te verkondigen dat moeder slechte melk heeft en beter alvast met een fruithapje kan gaan beginnen of, nog beter, een flesje kunstvoeding bij geven. Per slot wordt die Amerikaanse senator met zijn verhaal over verkrachting en zwangerschap ook door geen enkel weldenkend mens serieus genomen. Toch?
*) Evan McMorris-SantoroRepublican Senate Nominee: Victims Of ‘Legitimate Rape’ Don’t Get Pregnant,  TPM, August 19, 2012

zaterdag 16 juni 2012

Hans en Grietje

Zesde in een serie Sprookjes en bakerpraatjes over borstvoeding
Afbeelding: Hans en Grietje voor het peperkoekhuisje van de Boze Heks, Anton Pieck.

Internet en sociale media zijn tegelijkertijd een zegen en een vloek voor borstvoedende moeders. Er is altijd wel iemand online die je een antwoord op je dringende vraag kan geven. Maar er wordt ook een onvoorstelbare hoeveelheid nonsens verkondigd of verkeerde diagnoses gesteld. Zo wordt op basis van een enkel symptoom, bijvoorbeeld met bijgeluiden drinken dat wel 10 verschillende oorzaken kan hebben, in koor ‘Spruw!’’ geroepen. En zodra een moeder laat vallen dat ze te weinig melk heeft vliegen de medicatieadviezen haar al om de oren.
Het is als Hans die in zijn hokje dik zit te worden, terwijl de heks denkt dat hij te weinig eten krijgt, want het stokje waaraan hij haar laat voelen in plaats van zijn vinger, blijft maar dun. Grietje doet erg haar best om Hans dik en gezond en veilig te houden en adviseert de heks telkens nog maar wat langer de voedseltoevoer te verhogen en de oven op te stoken. Uiteindelijk blijkt de heks haar eigen vuur te hoog gestookt te hebben er erin ten onder te gaan.
‘’Niet genoeg melk’’ is een universele angst van moeders die borstvoeding geven. Het is tevens de meest ongegronde angst. Natuurlijk kunnen er moeders zijn die niet in staat zijn voldoende melk te produceren, of die daadwerkelijk te weinig melk produceren om hun kind adequaat te voeden. Vaker is er wel voldoende melk, maar krijgt het kind het niet of is er voldoende melk en krijgt het  kind voldoende en is er gewoon iets anders aan de hand. In plaats van direct te gaan roepen over pillen, tincturen, korrels of theetjes, kunnen de moeder beter een paar wedervragen worden voorgelegd.
‘’Wat maakt dat je denkt dat je te weinig melk hebt?’’ is de belangrijkste vraag om te stellen. de kans is groot dat de moeder normaal babygedrag interpreteert als honger, terwijl de baby iets heel anders wil zeggen. ‘’Ik kan maar xxxml kolven’’ wil niet zeggen dat er te weinig melk is. Kolven is een indicatie hoeveel de borst aan de kolf wil geven, niet van wat er in de borst zit of wat de baby eruit kan krijgen of wat de baby nodig heeft. ‘’Mijn baby wil na xxx minuten alweer aan de borst’’ wil niet zeggen dat er te weinig melk is, maar dat de baby gedrag vertoont wat bij een mensenkind hoort: vaak een beetje eten is volkomen normaal. Sommige baby’s kunnen ook toe met minder maar grotere voedingen, maar dan moet de moeder dat ook *per keer* kunnen maken. Sommige moeders kunnen liters melk produceren, maar alleen in meerdere kleine porties. Dat is volkomen normaal en geen reden tot zorg of tot ingrijpen. ‘’Als ik na de voeding nog een flesje geef, drinkt hj dat nog gulzig op.’’ De meeste baby’s zullen altijd zuigen als ze iets in de mond krijgen, honger of geen honger. Gulzig drinken is waarschijnlijk meer een kwestie van slikken of stikken omdat de meeste flessenspenen een veel te groot gat hebben en een te snelle melkstroom. Het al dan niet leegdrinken van een fles melk zegt in elk geval niets over de werkelijke behoefte aan melk bij de baby.
‘’Hoe voed je je baby en hoe ziet een dag met baby eruit?’’ is ook een goede vraag. Het geeft aan hoe vaak en hoe lang de baby drinkt en of hij 1 of 2 borsten per keer krijgt. En of hij de borst krijgt als hij zelf aangeeft dat nodig te hebben of als het schema vertelt dat het zijn tijd is. Of er voedingen worden uitgesteld met vervangende zuigobjecten, inbakeren of op andere manieren sussen. Het geeft met andere woorden een indicatie of baby wel zo veel en vaak kan drinken als hij nodig heeft en alle beschikbare melk ook daadwerkelijk kan consumeren. Het geeft ook aan of hij misschien onnodig energie verbruikt door stress.
Last but not least kan gevraagd worden: ‘’Groeit, gedijt en ontwikkelt baby zich goed?’’. Een baby die groeit volgens zijn eigen lijntje (gemiddeld, gemeten over meerdere weken), die lekker in zijn vel zit en zich binnen de geldende normen ontwikkelt krijgt per definitie voldoende voeding.
Bij de eerste kik over te weinig melk direct gaan roepen over melkproductiestimulerende middelen heeft over het algemeen weinig zin. Het bevestigt de moeder in haar gevoel van tekort schieten en is over het algemeen volkomen onnodig. Als het toch lijkt dat baby onvoldoende voeding binnenkrijgt, kan eerst eens gekeken worden of hij wel de kans krijgt voldoende te drinken en de aanmaak van voldoende melk te stimuleren. Met andere woorden: drinkt de baby vaak genoeg, worden beide borsten evenredig en vaak genoeg gestimuleerd en drinkt baby effectief? Voor dat laatste kan het nodig zijn dat er een keer een paar ervaren ogen meekijkt bij een voeding. Als baby goed en vaak drinkt en toch onvoldoende groeit, zich niet goed ontwikkeld of slecht gedijt, ja dan kan de hulp van galactogogen nodig zijn.

woensdag 9 mei 2012

Doe mij maar een tapje

Foto: Belgisch bier van de tap
Volgens de echte bierdrinkers in mijn omgeving gaat er niets boven een tapje. Zo’n gul glas met een voluptueuze schuimkraag en wat condens druppeltjes aan het glas. Waar je dan zo induikt en er met een schuimsnor weer uit opduikt. Niks mis met een flesje, maar de echte liefhebber prefereert toch de tap. Wie tijdens een bergwandeling wel eens aan een bron gedronken heeft, kan dat beamen: het duurt daarna even voor je kraan- of flessenwater weer weet te waarderen. Een vriendin, die enkele jaren in Afrika had doorgebracht, vertelde dat ze na terugkomst jaren geen ananas of mango had gegeten vanwege de verregaande smakeloosheid van de geïmporteerde vruchten in vergelijking met die welke ze (min of meer) zelf van de bron oogstte.
Onderzoek door Li et al (2012) laat zien dat vers van de bron ook voor borstvoeding het beste is. Zij wogen een kleine 1900 kinderen enkele keren gedurende hun eerste levensjaar en lieten hun moeders vragenlijsten invullen over de soort voeding en hoe de kinderen werden gevoed. De onderzoekers namen het direct aan de borst drinken als uitgangspunt, als de biologische norm, waarmee alle andere manieren van voeden werden vergeleken. Dat betekent dat zij er, terecht, van uitgaan dat drinken aan de borst zal leiden tot normale groeipatronen voor kinderen in hun eerste levensjaar. Deze normale groeipatronen zijn door de WHO diepgaand onderzocht en in kaart gebracht (WHO, 2009). Li c.s. vonden dat kinderen die moedermelk per fles kregen sneller groeien dan kinderen die volledig aan de borst drinken; hoe groter het aandeel moedermelk per fles, hoe meer de kinderen in gewicht toenamen. Gemiddelde extra gewichtstoename  was voor kinderen die moedermelk per fles kregen ruim 70 gram per maand en voor kinderen die uitsluitend kunstvoeding kregen (uiteraard ook per fles) bijna 90 gram.
Eerdere onderzoeken hadden al aangetoond dat snellere gewichtstoename in het eerste jaar een risicofactor is voor overgewicht en obesitas later als kind en als volwassene. Het onderzoek van Li lijkt aan te tonen dat het eerder het hele proces en complex van borstvoeding is dat zorgt voor optimale groei en het laag houden van overgewicht risico’s, dan dat het om enkel de melksoort gaat. Het is nog niet duidelijk of de snellere groei door moedermelk per fles ook in dezelfde mate een risicofactor voor obesitas is als snellere groei op kunstvoeding. Om dit duidelijk te krijgen zouden de kinderen uit dit onderzoek moeten worden gevolg terwijl ze opgroeien.
Naarmate kinderen ouder worden en meer ander voedsel dan alleen of voornamelijk melk komen er ook meer factoren die het gewicht beïnvloeden. Het wordt dan steeds moeilijker om nu precies aan te wijzen waar eventuele variaties in gewichtsevolutie door worden veroorzaakt. Om al die beïnvloedende factoren goed te kunnen duiden zou de onderzoeksgroep veel groter moeten zijn dan de oorspronkelijke kleine 2000. Wellicht dat met de gegevens van de regelmatige terugkerende onderzoeken over zuigelingenvoeding van TNO in combinatie met de groeigegevens die door het CBS worden bijgehouden iets te doen is om een langlopend onderzoek in deze richting op te zetten.
Vooralsnog kan op basis van het onderzoek van Li veilig worden gesteld dat borstvoeding recht van de tap de veiligste optie is. Wanneer het door omstandigheden nodig is toch moedermelkvoeding te geven, zou er meer aandacht moeten zijn voor de manier van voeden en de honger- en verzadigingssignalen van het kind*.
Ruowei Li; Joselito Magadia; Sara B. Fein; Laurence M. Grummer-Strawn: Risk of Bottle-feeding for Rapid Weight Gain During the First Year of Life. Arch Pediatr Adolesc Med. 2012;166(5):431-436.
WHO Child Growth Standards: Methods and development. Growth velocity based on weight, length and head circumference. Geneva: World Health Organization, 2009.
*) Eurolac Flits! Voeding over een manier om op een veilige manier flesvoeding te geven.
Eurolac Flits! met label flesvoeding, kunstvoeding, WHO, groei, groeistandaarden, obesitas, overgewicht

donderdag 29 september 2011

En voor Baby een Broodje Aap

Foto: Loretta Devine als Reese Wilson in Urban Legend
Van mijn laatste 10 consulten gingen er zeker 7 over onvoldoende groei, of verondersteld onvoldoende groei. Wat opvalt, ondanks de heel verschillende verhalen en omstandigheden, is dat de reacties van de behandelende zorgverleners grote overeenkomst vertonen in inadequaatheid. Ofwel er is sprake van verregaande ‘’wait-and-see’’ aanpak alsof er bij niets doen plotseling iets zal veranderen in de uitslag. Ofwel ‘’ligt het aan de borstvoeding’’ en heeft moeder klaarblijkelijk –volgens de zorgverlener- onvoldoende melk of melk met beperkte voedingswaarde. In beide soorten gevallen is het advies om kunstvoeding bij te geven. Zowel bij de diagnose als bij de genoemde oorzaken en aanbevolen behandeling kunnen discussiepunten gesteld worden. De groei van een kind is geen op zichzelf staande grootheid die exclusief bepalend is voor het al dan niet gezond zijn van een kind. Even belangrijk zijn de indicatoren voor lichamelijke en mentale ontwikkeling en gedijen. Groeicurves of groeistandaarden geven gemiddelde waarden voor groei in lengte en gewicht weer. een gemiddelde bestaat echter slechts bij de gratie van de uitersten en het is dus helemaal niet de bedoeling dat alle kinderen precies het gemiddelde volgen. Een groeistandaard geeft meer de richting aan dan de precieze weg. Wanneer een kind over langere tijd gemeten gemiddeld op de lijn blijft die wordt ingezet op het punt van zijn geboortegewicht (of zijn laagste gewicht) en daar niet meer dan een standaarddeviatie naar boven of onder van afwijkt, gaat de groei op het eerste gezicht goed. Toch moet dat ‘’goed gaan’’ altijd worden bevestigd door klinische waarnemingen aangaande ontwikkeling en gedijen. Andersom kan een kind op basis van zijn groeilijn te langzaam lijken te groeien, terwijl alle andere klinische factoren positief zijn. Als dat het geval is, kan het een goed idee zijn op zoek te gaan naar mogelijke oorzaken voor de afwijkende groei, anders dan de soort voeding.
Dan de diagnosestelling en behandelvoorstellen. Bij kindjes die borstvoeding krijgen wordt al snel gedacht dat het wel aan de borstvoeding zal liggen (te weinig of te weinig voedzame melk) en wordt bijvoeding aangeraden. Te weinig melk kan, er zijn inderdaad vrouwen die niet in staat zijn voldoende melk te maken, maar dat is relatief zeldzaam en wordt eerder in gevallen per duizend dan per honderd gerekend. ‘’Melk met niks derin’’ is een urban legend, een broodjeaapverhaal: zeer hardnekkig en schijnbaar met een hoog waarheidsgehalte. Melk die moeders maken voor hun kind is altijd perfect van samenstelling en bevat alles wat een kind nodig heeft. Maar het kan wel zijn dat een kind er in totaal niet genoeg van krijgt, dat hij niet dat deel krijgt van de melk dat hij nodig heeft, of dat hij door omstandigheden meer dan gemiddeld nodig heeft.
Een borstgevoed kind dat onvoldoende groeit en waarbij dat ook werkelijk een gezondheids- of ontwikkelingsprobleem oplevert, moet als eerste goed worden nagekeken: zijn er mogelijk oorzaken waardoor hij meer voeding dan verwacht nodig heeft om waarom hij niet voldoende opneemt uit de voeding die hij krijgt. Aan de kant van de voeding moet eerst een goed borstvoedingevaluatie worden uitgevoerd: hoe vaak drinkt het kind; drinkt hij dan ook echt met aantoonbare melktransfer; drinkt hij 1 of 2 borsten per keer; op welke indicaties en door wie wordt bepaald of het tijd is voor een voeding, de andere borst en het einde van een voeding; hoe zijn de aanleg- en drinktechnieken van respectievelijk moeder en kind; hoe groot is de melkproductie en zijn de borsten na een voeding leeg; zijn maar enkele van de beantwoorden vragen. Vervolgens wordt waar nodig en mogelijk de borstvoedingtechniek geoptimaliseerd en de intake van melkvolume en energetische waarde verhoogd. In vrijwel alle gevallen zal dat leiden tot versterkte groei.
En in de meeste van mijn gevallen van onvoldoende groei: te weinig voedingen per etmaal, omdat men nog steeds dat andere broodjeaapverhaal aanhangt dat het gewicht en de leeftijd van een kind bepalend zijn voor de frequentie van zijn voedingen en het volume per voeding.

zondag 11 september 2011

Poep- en plaspraatjes

Afbeelding: ‘’De Piskijker’’, Jan Steen, ca. 1663-1665
Kun je nu wel of niet aan het aantal plasluiers zien of een baby genoeg voeding krijgt?’’ vraagt de ene collega. ‘’Nee, alleen als een kind vaak poept weet je zeker dat het goed gaat’’ komt de ander. ‘’Nou, het blijkt dat ook volop poepende baby’s wel eens minder goed kunnend draaien dan je denkt.’’ doet de derde een duit in het zakje. Sinds jaar en dag wordt verwezen naar de output van de baby om een inschatting te maken van zijn input. Volgens de richtlijnen ‘’gaat het goed met een baby als hij op zijn geboorte dag 1 natte luier heeft, de volgende dag 2 en de derde dag 3 en daarna minimaal 6 natte luiers per dag heeft en de plasjes nagenoeg kleurloos zijn en hij vanaf dag 3 meermaals per dag borstvoeding ontlasting heeft’’(van Veldhuizen-Staas, 2009). En natuurlijk klopt het dat er niets uit kan komen als er niet eerst iets in is gegaan. Maar plassen betekent alleen dat een kind voldoende vocht in zijn systeem heeft om zijn nieren te laten werken en urine te produceren. En na een gemedicaliseerde baring kan het heel goed zijn dat dat vocht in de eerste 2-3 dagen niet erin is gekomen met voeding, maar via de bloedbaan van zijn moeder voor de geboorte. En natuurlijk worden we erg nerveus als een pasgeboren baby dagenlang geen vuile luier maakt. Maar ook kinderen die braaf een paar keer per etmaal een luier vies maken kunnen problemen hebben. Kinderen, met name de snel groeiende en zich ontwikkelende baby’s, zijn veel te complex om met een enkel stel parameters te kunnen worden beoordeeld. Daarvoor is een minstens even complexe set van parameters, factoren en aspecten nodig. De belangrijkste factor om te beschouwen is het kind zelf. Beschouwen met de ogen, de oren en de neus. De beschouwingen overwegen met hoofd en hart. Daarbij niet over het kind en over het kind heen praten, maar met het kind zelf communiceren. Als ondersteuning van deze beschouwingen kan het kind de maat genomen worden: inderdaad de plas- en poepluiers, niet alleen aantallen, maar ook de kwaliteit ervan. Maar ook lichamelijke groei in lengte en gewicht en ontwikkeling binnen normale waarden vertellen hun deel van het verhaal. Een kind dat er gezond uitziet en zich gezond gedraagt is waarschijnlijk gezond, ook als de genomen maten niet kloppen met de vastgestelde norm. Een kind dat alle maten binnen de getelde normen heeft, maar niet gezond oogt en zich niet gezond gedraagt, daarmee is toch wat mis. Om er achter te komen wat dat iets is, zullen we meer onderzoek moeten doen dan alleen piskijken.
Veldhuizen-Staas, CGA van: Borstvoeding Basis, Eurolac.net, 2009
Overfield ML, Ryan CA, Spangler A, Tully MR (Revision Taskforce): Clinical Guidelines for the Establishment of Exclusive Breastfeeding. ILCA, 2005.

dinsdag 21 juni 2011

Op de groei

Bij baby’s is alles gericht op groei. Na de zwangerschap zal een mens nooit meer zo hard groeien als in zijn eerste levensjaar. Volgens de groeistandaarden van de WHO (2006) verdubbelt een kind zijn geboortegewicht binnen 3-4 maanden en weegt hij een jaar na zijn geboorte 2,5 tot 3 keer zoveel als bij de geboorte. Daarvoor is een boel eten nodig in redelijk geconcentreerde vorm, want het maagje is maar klein. (De maag –in rust- van een individu is ongeveer even groot als zijn eigen vuist.) De eerste 6 maanden wordt aan die specifieke behoefte voldaan door borstvoeding. Na dat eerste halfjaar komt daar ook ander voedsel bij. Niet omdat moedermelk plotseling onvoldoende voedingswaarde zou hebben, maar omdat het overgaan van zuigend naar kauwend eten een belangrijke ontwikkelingsstap is. En omdat een vloeibaar dieet moeilijk is vol te houden als de voedingsbehoefte groeit. Het voedsel dat wordt bijgegeven moet liefst zo voedzaam mogelijk zijn: zo veel mogelijk voedingsstoffen in een relatief klein volume, want dat maagje is nog steeds niet erg groot. Om het moeders makkelijk te maken zijn er voedselfabrikanten die eten koken en heel fijn malen en dat vervolgens in kleine potjes verkopen. Handig met een leeftijdsaanduiding erop en in een hoeveelheid waarvan wordt aangenomen dat dat een ‘’normale portie’’ is voor een kind van de aangegeven leeftijd. Het is misschien een gemis dat er alleen een ondergens-leeftijd op die potjes staat en geen bovengrens. Want wat lijkt er te gebeuren? Sommige vrouwelijke bekendheden (zoals Jennifer Aniston, Reese Witherspoon, Cheryl Cole en Lady Gaga) schijnen baby-eten uit een potje te gebruiken als dieetvoeding – om juist niet zo hard te groeien, maar mager te worden of te blijven. Wordt je er nu goed groot van of zorgt het voor zo weinig voeding dat je er mager van wordt? Misschien toch maar liever zelf koken voor de kleine; dan weet je wat hij eet.
http://www.evmi.nl/nieuws/pittig-pikant/10157/babyvoeding-dieet-populair-in-uk.html
WHO. (2006). Weight-for-age: Expanded tables for constructing national health cards. Child Growth Standards.

donderdag 12 mei 2011

Goed in je vel

Huidcontact is belangrijk voor mensen, het wordt door velen zelfs als een primaire levensbehoefte gezien. Voor pasgeboren kinderen geldt dat mogelijk nog meer. Waar vroegere onderzoeken vaak vooral kijken naar de effecten van wel of geen huidcontact bij te vroeg geboren kinderen, worden er nu ook gecontroleerde trials uitgevoerd met gezonde op tijd geboren kinderen. Anderson et al analyseerden voor de Cochrane Reviews 19 onderzoeken (totaal N=806) en zij vonden significante verschillen tussen kinderen met huidcontact en traditioneel verzorgde kinderen op het gebied van borstvoeding, gedrag en lichamelijke status. Huidcontact in de kraamtijd was positief gecorreleerd aan meer incidentie van borstvoeding en langere borstvoeding duur. Kinderen in huidcontact waren beter in staat hun lichaam goed op temperatuur te houden en hun bloedsuikers waren beter. De kinderen met huidcontact huilden minder en er was meer positieve interactie tijdens de voedingen tussen moeder en kind. Los van de Cochrane Review vonden Rojas c.s. in een gerandomiseerd onderzoek dat te vroeg geboren kinderen die in huidcontact werden gehouden een grotere schedelgroei vertoonden (maar niet meer toename in gewicht of lengtegroei) dan traditioneel verzorgde prematuren. een sterkere groei van de schedel hangt samen met een snellere groei en ontwikkeling van de hersenen.
Anderson GC, Moore E, Hepworth J, Bergman N. Early skin-to-skin contact for mothers and their healthy newborn infants (Cochrane Review). In: The Cochrane Library, Issue 2 2003. Oxford: Update Software.
Rojas MA, Kaplan M, Quevedo M, Sherwonit E, Foster LB, Ehrenkranz RA, Mayes L. Somatic Growth of Preterm Infants During Skin-to-Skin Care Versus Traditional Holding: A Randomized, Controlled Trial. J Dev Behav Pediatr. 2003 Jun;24(3):163-168.

woensdag 23 maart 2011

Borstvoeding: minder is meer.

In een zeer minutieus onderzoek volgden Han en zijn collegae 3 jaar lang ruim 50 kinderen die vanaf de geboorte moedermelk kregen of op caseïne of soja gebaseerde kunstvoeding. Uiteindelijk maten zij groei en zinkspiegels. Gedurende de gehele studie werd van de kinderen zeer nauwkeurig bijgehouden hoeveel zink zij binnenkregen (voor en na wegen bij borstkinderen, voedingsrapporten bij kunstvoeding kinderen) via melk en later door middel van voedingsdagboeken van al het andere voedsel die zij binnenkregen. Van de moedermelk en de kunstvoeding werden de zinkconcentraties vastgesteld. De groei van alle kinderen was overeenkomend met de normale groeistandaarden voor Koreaanse kinderen. De zinkspiegels in alle kinderen kwam met elkaar overeen. De hoeveelheid zink in moedermelk was lager dan in beide soorten kunstvoeding en nam verder af gedurende de lactatieperiode. De hoeveelheid zink in beide soorten kunstvoeding was hoger dan de ingrediëntenlijsten aangaven. Leuk om te weten, maar wat weten we nu eigenlijk? Dat moedermelk goed is zoals het is! Vaak wordt gedacht dat moedermelk ‘’te weinig’’ van dit of dat heeft. Maar dit onderzoek laat zien dat juist kunstvoeding veel te veel van allerlei erin heeft om tot voldoende opname te komen. Stel je voor hoe veel meer energie het kost om dat allemaal te verteren! Borstvoeding: minder is meer.
Han Y-H, Yon M, Han H-S, Kelley E. Johnston KE, Tsunenobu Tamura T, Hyun T: Zinc status and growth of Korean infants fed human milk, casein-based, or soy-based formula: three-year longitudinal study. Nutr Res Pract, 2011, 5(1):46-51

donderdag 11 november 2010

Groei en gezondheid

De gezondheid van een zuigeling wordt vaak afgemeten aan de hand van de snelheid waarmee hij groeit. Een kind dat volledig en op verzoek borstvoeding krijgt zal inderdaad in de eerst weken met een bijna duizelingwekkende snelheid groeien en in een maand of drie-vier zijn geboortegewicht verdubbeld hebben (WHO universele groeistandaarden). Onderzoeken naar de relatie tussen groei in de eerst levensmaanden en gewicht en gezondheid als adolescent geven echter aan dat een te snelle groei in die eerste maanden een factor is voor overgewicht later. Met name de afgifte van eetlustopwekkende hormonen lijkt er in onderzoek van Larnkjær et al door te worden gestimuleerd. Leunissen et al vonden een toegenomen incidentie van cardiovasculaire aandoeningen en diabetes. In hun onderzoek was echter en relatieve oververtegenwoordiging van kinderen die met een te laag gewicht geboren werden en waar dus sprake was van een (te) sterke inhaalgroei.
Leunissen RWJ, Gerthe F. Kerkhof GF, Stijnen T, Hokken-Koelega A: Timing and Tempo of First-Year Rapid Growth in Relation to Cardiovascular and Metabolic Risk Profile in Early Adulthood. JAMA. 2009;301(21):2234-2242.
Larnkjær A, Schack-Nielsen L, Mølgaard C, Ingstrup HK, Holst JJ, Michaelsen KF: Effect of growth in infancy on body composition, insulin resistance, and concentration of appetite hormones in adolescence. American Journal of Clinical Nutrition 2010, 91(6):1675-1683.

dinsdag 19 oktober 2010

Overgewicht preventie voor kinderen

In de hele Westerse wereld voeren overheden harde campagnes om overgewicht in alle bevolkingsgroepen en met name in kinderen te bestrijden. Er worden programma's opgezet voor pubers, schoolkinderen en zelf al voor peuters. Gezonde voeding, een ban op vet en suiker en veel bewegen is de boodschap. In vrijwel alle programma's wordt volledig voorbij gegaan aan de meest betrouwbare vorm van preventie: gezonde zwangerschap voor moeder en gezond eten voor het kind in zijn eerste levensjaren. Kinderen die uit een moeder met een gezond zwangerschapsgewicht worden geboren en vervolgens op een goede manier borstvoeding krijgen (volgens bio-normale patronen, 6 maanden exclusief en tot 2 jaar of langer naast geschikte andere voeding) groeien volgens universele standaarden en hebben maar een zeer laag risico om al als peuter overgewicht te hebben.
WHO Multicentre Growth Reference Study Group. WHO child growth standards based on length/height, weight and age. Acta Paediatrica 2006;Suppl 450:76-85.
Ruth A. Lawrence. Childhood Obesity (Formerly Obesity and Weight Management). August 2010, 6(4): 193-197.

zaterdag 11 september 2010

Gezonde voeding - gezonde groei


De CDC  (Centers for Disease Control and Prevention), de belangrijkste organisatie in de USA voor regulatie van gezondheidsrichtlijnen beveelt aan om voor alle kinderen in de USA gebruik te maken van de groeistandaarden van de WHO. (Lees meer hierover bij Kenniscentrum Borstvoeding.) De WHO groeistandaarden zetten kinderen die borstvoeding krijgen neer als norm voor gezonde groei. De CDC benadrukt dat de kinderen die de gegevens voor de WHO groeistandaarden leverden allemaal minimaal 12 maanden borstvoeding kregen waarvan minimaal de eerste 4 maanden uitsluitend of voornamelijk borstvoeding. De CDC waarschuwt dat bij gebruik van de WHO groeistandaarden er minder Amerikaanse kinderen zullen worden gediagnosticeerd met ondergewicht omdat kinderen met borstvoeding tussen 3 en 18 maanden minder hard groeien. Gewichtstoename groter dan deze standaarden (die op de klassieke USA growth charts nog als normaal kan gelden) is een risico voor latere obesitas.
Laten we hopen dat ook de Nederlandse Gezondheidsraad deze aanbeveling zal overnemen. Borstvoeding is de norm voor gezonde voeding. Kinderen met borstvoeding zijn de norm voor gezonde groei.
Grummer-Strawn LM, Reinold C, Krebs, MD2 NF: Use of World Health Organization and CDC Growth Charts for Children Aged 0--59 Months in the United States. Morbidity and Mortality Weekly Report (MMWR). September 10, 2010 / 59(rr09);1-15. Uitgever: CDC

vrijdag 27 augustus 2010

Groei van kinderen met moeders met ''andere'' borsten


Veel vrouwen maken zich zorgen of ze met ''hun soort borsten'' wel borstvoeding kunnen geven. Vazirinejad  et al onderzochten de invloed van diverse vormen borsten en tepels (vlakke tepels, ingetrokken tepels, grote borsten en/of tepels, etc) op het gewicht van kinderen een week na de geboorte. Zij concludeerden dat de kinderen uit de controlegroep (met moeders met ''normale'' borsten n tepels) gemiddeld 50 gram boven hun geboortegewicht waren, maar kinderen uit de groep met moeders met borst- en tepel variaties gemiddeld 160 gram onder hun geboortegewicht zaten. De onderzoekers bevelen aan zorgverleners aan om moeders met ander borsten en tepels dan doorsnee extra goed te begeleiden bij het geven van borstvoeding om hun kinderen beter te laten groeien.

Vazirinejad R, Darakhshan S, Abbas Esmaeili A, Hadadian S: The effect of maternal breast variations on neonatal weight gain in the first seven days of life. International Breastfeeding Journal 2009, 4:13

zaterdag 21 augustus 2010

Groei en gezondheid


Volgens de uitkomsten van de laatste groeimonitor van TNO worden Nederlandse kinderen eindelijk niet meer langer, maar wel zwaarder. En dat is allebei volgens de onderzoekers niet goed. Kinderen groeien mogelijk niet verder in de lengte omdat wegens de daling in de welvaart sinds 2000 Nederland niet meer aan kop loopt in de kwaliteit van gezondheidszorg en ze worden te dik door andere, niet gespecificeerde oorzaken. Je kunt je afvragen of steeds maar langer worden wel zo nastrevenswaardig is. Lange mensen hebben meer problemen in het bewegingsapparaat en de rug.
De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) heeft ook onderzoek gedaan naar de groei in lengte en gewicht van kinderen. Zij keken niet naar totale populaties, maar naar kinderen in 5 regio's van de wereld die niet in armoedige omstandigheden leefden en die volgens de best inzichten aangaande zuigelingen- en kindervoeding en met professionele ondersteuning waar nodig werden gevoed. Dit houdt in borstvoeding zonder restricties en zonder andere voeding gedurende de eerste 6 maanden en borstvoeding naast geschikte andere voeding tot 2 jaar of langer. 
Als deze Universele Groeistandaarden ook op de Nederlandse consultatiebureaus zouden worden gebruikt en als ouders goed zouden worden voorgelicht en begeleid om hun kinderen zo te voeden dat zij volgens deze standaarden gezond groeien, zou dat wel eens een grote stap voorwaarts kunnen zijn in de richting van een gezonde ontwikkeling van de lengte en het gewicht van de gehele Nederlandse populatie.

zondag 15 augustus 2010

Vroege introductie vast voedsel zorgt voor minder slaap


(15-08-2010)

Naast gezonde en voldoende voeding is ook voldoende slaap belangrijk voor de groei en ontwikkeling van baby's en peuters. Nevarez et al van Harvard onderzochten factoren die de duur van slaap bij kinderen tot 2 jaar beïnvloeden. Zij kwamen tot de opmerkelijke conclusie dat naast depressie van de moeder tijdens de zwangerschap en roken door de moeder, ook de vroege introductie van vast voedsel (< 4 maanden), TV kijken (door het kind) en kinderdagverblijfbezoek leiden tot minder slaap bij kinderen van 12 en van 24 maanden oud. Kinderen die al deze risicofactoren hebben kunnen ruim een uur (en meer als ze  meer dan 1 uur per week TV kijken) per 24 uur minder slapen.
Nevarez MD, Rifas-Shiman SL, Kleinman KP, Gillman MW, Taveras EM: Associations of Early Life Risk Factors With Infant Sleep Duration, Academic Pediatrics, 10:3, May-June 2010, Pages 187-193

Welkom bij Eurolac!

Eurolac! is een onderdeel van Eurolac Lactatiekunde

Dit is het oude blog.

Voor de nieuwste berichten en voor diepgaande informatie, achtergrondartikelen, hulp en ondersteuning ga je naar www.eurolac.net. Hier vind je ook de Eurolac Lactatiekunde Webwinkel

Labels

aan-de-borstvoeding aanbevelingen aandacht aangeboren aangeleerd aanhappen aanklikbedje aanleg aanleggen aanleghulp aanname aanpassen aasgieren ABC abces ABM achtergrond achterkamertjes acrobatiek actie acupunctuur ademhaling ADHD adolescent adoptie advies advisering advocaat AFASS afbouwen affectie affectief afhankelijkheid afkoeling afkolven afleiding afsluiten afstamming afstrepen aftellen afvallen afvalstoffen afweer afwijking afwijzen agressie alcohol Alexandre Dumas alledaags alleen allergeen allergie allo-ouderschap allopathie alternatieve zorg aminozuren Amsterdam anamnese anatomie Angelina Jolie angst Anna Staas-Vink anorexia antibiotica anticonceptie antropologie apart apoptose apparaat appels archetype argument asimov ASS assortiment astma asymmetrie atopisch Attachment Parenting attachment theorie attitude autostoeltje baby baby-led-weaning babyverzorging babywise bacteriën bad badzout bakerpraat bakerpraatjes balts baren baring baringsrituelen bed-sharing bedrog beeldvorming begeleiden begeleiding begroting beha behandeling behoefte behoeften belasting beleid beloften beloning beoordeling beperken beroep beschadigen beschermen bescherming besmetting beurs bevalling bevorderen bewaren beweging bewerken bewijs bewijslast bewustzijn BFHI bijgeloof bijhouden bijscholing bijten bijvoeden aan de borst bijvoeding bijzonder bilirubine Biological Nurturing biologie biologisch biologische zuivel bitter blauwdruk bloed bloedarmoede bloedcellen bloeddruk bloedstolling bloedsuikers blootstelling BMI boek bonafide borst borstabces borsten borstkanker borstmassage borstonderzoek borstontsteking borstproblemen borstverkleining borstvoeding borstvoeding.com borstvoedingcafe borstvoedingcijfers borstvoedinginformatie borstvoedingmanagement borstvoedingorganisatie borstvoedingsbeleid borstvoedingsduur borstvoedingsorganisatie borstvoedingsthee borstvoedingvriendelijk borstweigeren botdichtheid botvorming boulemie bouwstoffen Bowlby BPA Brian Palmer brood broodjeaapverhaal buidelen buitengewoon cadeautjes caius calcium calendula campagne candida albicans capaciteit cariës caseine changeling chapeau chefkok chimpansee China chocolade clausule clusteren clusterkolven CMV co-ouderschap co-sleeping Cochrane Code coeliakie cohortstudie colostrum comfortabel commercie commissie communicatie compassie complementair complex complicated congruent consequent consequenties consultatiebureau contra-indicatie controle corrupt cortisol counseling couveuse CT cultuur cyclus D-MER D-TSR DALY's dankbaar darm darmflora darmfunctie David Sackett debat deficientie dehydratie delen demoniseren deskundig determinanten diabetes diagnose Diane Wiessinger diarree diëtiek dik discreet discriminatie discussie dissociatie DNA doel dokters dompelbad domperidon donormelk doorverwijzen doorzetten doula dr. Jay gordon draagkracht draaglast draagling draak dragen drempels drinken drinkproblemen drinktechniek druk dubbele boodschap duimzuigen duurzaamheid dwang E-Sakazakii EBM EBP echografie ecologisch borstvoeden ecologische voetafdruk economisch economische waarde eczeem educatie eenvoudig eerlijkheid eetproblemen eetstoornis eierstokkanker Einstein eiwitten emancipatie emotie emotioneel welzijn emotionele beschikbaarheid empathie energie epigenetica Erikson erotofobie eten ethiek etiket etniciteit eurolac evalueren evidencebeest evolutie examen exclusief excreet excuus experimenteren extreem fabels fabeltjes fabrikanten Facebook factoren familie fanatiek feel-good feest feestdagen feiten feminisme fenegriek filmpje filosofie flash-heating fles flesvoeding flesweigeren flow focus fopspeen forensisch onderzoek forum foto's fouten freakshow frenulum frequent voeden freud functie functional food functionaliteit fysiologie gadgets galactogoog galega gastcolumn gebakken lucht gebit gebonden geboorte geboortegewicht geboortetrauma gedijen gedrag geelzucht geen kwaad doen geheim gehemelte gehemelteplaatje geinduceerde baring geinduceerde lactatie geïnduceerde lactatie . geit geld geloven geluk gelukkig gemiddeld gender genen GenerationR genetische manupulatie Gentiaan Violet George Clooney geschiedenis geur gevaar gevaarlijk gevaren geweld gewicht gewichtsverlies gewoon gezin gezond gezonde voeding gezondheid gezondheid moeder gezondheidsclaims gezondheidsinformatie gezondheidsprogramma gist glucose go with the flow goed goed genoeg goud griep groei groeistandaarden groen groene_leem grondstoffen grootmoeder gulden snede gynaecoloog halfjaar HAMLET handelplan hard drugs harry piekema hart hart- en vaatziekten hartfunctie hechting heks helen helper herinneren hersenen hersenontwikkeling heupdysplasie Hippocrates hirsutisme historie HIV HM4HB HMF holistisch honger hongersignalen honing hormonen horror houdbaarheid houding Hugh Laurie huidcontact huidflora huilen hulp hulp zoeken hulpmiddel hulpmiddelen hulpset hygiene hygiëne hype hyperlactatie hypoglycemie hypolactatie hysterie IBFAN ideaal IFE ijs ijzer IL-10 illusionist immuniteit immunologie immuuncellen Ina May Gaskin inbakeren individu indoctrinatie industrie infectie infecties inflammatie informatie informeren infuus ingetrokken tepels ingewikkeld ingrediënten ingrijpen initiatierite inleiden inschatten instinct instincten instinctief voeden instructie insuline intake intelligentie intentie inter-species zogen interactief interventie intiem intolerantie introductie inventariseren investering invloed invoelen inwikkelen inzet IQ irritatie Ja zuster nee zuster Jack Newman James McKenna JGZ JHL jodium Johan Cruijff Johnny Depp jonge moeder journalist jubileum Kangoeroe Moeder Zorg kanker kansen kapotte tepels karakter KDV keizersnede kennis kennisoverdracht keuze keuzes keuzes maken kiezen kijken kin kind kinderarts kinderdagverblijf kinderopvang kindersterfte KISS klacht kleur klierweefsel klinische lactatiekunde KMC KMZ knippen koemelk koesteren koestering koffie koken kokosolie kolf kolonisatie kolven korte tepels kosten kosten gezondheidszorg Kotlow koude kraam kraamafdeling kraambed kracht krampjes kritiek kruiden kruipen kunstvoeding kwakzalverij kwaliteit laat-prematuur lactaptin lactatie lactatiekunde lactatiekundige lacteren lactoengineering lactoferrine lactogenese LAM lange termijn langvoeden lanoline leefomgeving leiden lekken lengte lente leren leren aanleggen levende cellen levensles lezen lichaamscontact liefde lipriempje literatuuronderzoek LLL lobby logica logopedist loslaten luchtweginfecties luiers luisteren maag maagdarminfecties maaginhoud maagzuurremmers maan maat maatschappij macgyveren machinaal maffia magie magisch malafide mama maneschijn manieren manipuleren mannelijke lactatie marketeer marketing massage mastitis matrix Max Tailleur mazelen meanderen Meatloaf Medela media medicalisatie medicijnen medicijngebruik medische misser medium meerling melk melkbank melklijsten melkproductie melkstase melkstroom melktransfer melkzusters menarche menselijk mensenrechten menstruatie Meryl Streep met rust laten meten methode Michel Odent micronutriënten middenoorontsteking mijmeren milieuvervuiling min Miranda Kerr mode moe moeder moeder en kind nabijheid moeder-en-kind-nabijheid moedergodin moedergroep moedermelk moedermelknetwerk moedermelkvoeding moederschap mondflora mondonderzoek Montessori morbiditeit mores mortaliteit motieven motivatie motorische ontwikkeling MRI MRSA multidisciplinair multimoeder multiple sclerose mythe nabijheid nachtouderschap nachtvoedingen nadelen nadenken nalaten namaak nature-nurture natuur natuurlijk nauwkeurigheid NEC neerslachtigheid Nestle boycot nicotine nieuw nieuwsgierig Nils Bergman niplette non-nutritief noodsituatie norm normaal normen en waarden normwaarde Nurse Jackie nutriënten Obelix obesitas obsceen observeren obstreticus oedeem oefenen oestrogenen ogen oligosacchariden olympisch oma omega 3 omgeving omweg onaangepast onafhankelijkheid onconditioneel onconditioneel opvoeden onderkaak onderscheid ondersteuning ondervoeding onderwijs onderwijzen onderzoek onderzoek retrospectief onderzoeken onderzoeker onderzoekmethodes ongemakkelijk ongewenst zwanger ongewoon ongezond onrustig drinken ontdooien ontmoeten ontspannen ontsteking ontwerp ontwikkeling onvoldoende onvoorwaardelijk onvoorwaardelijk ouderschap onwennig oorlog oorontstekingen oorzaken opbrengst openbaar openbaar voeden opgelucht opleiding opleidingsniveau ouders oplossing opoffering oproep opties opvoeden opvoeding opvolgmelk opzoeken orale anatomie organische chemicaliën osteoporose Oud en Nieuw ouder-kind-interactie ouders ouderschap overdenking overeenkomsten overgewicht overheden overheid overleg overleven overproductie oververhitting oxytocine paced bottle feeding pacifisme pap papa parasiet partner pasgboren pasgeboren passie pasteuriseren patroon Paula Meier PCOS pech pedagoog peer support peercounseling pepermunt perceptie perfectie perinatale sterfte perspectief PET Peter Facinelli peuter pijn pijnbestrijding Pink pink ribbon plaats placebo plagiocefalie plan plan B plannen plezier politiek portie portiegrootte postnatale depressie postpartum bloedverlies powerpoint PPD prematuur prenataal afkolven prenatale depressie prenatale ontwikkeling prestatie preventie prijsvraag primaten prins prinses priorteit probiotica PROBIT probleemgedrag problemen problemen maken problemen oplossen productie professioneel profijt programma prolactine promoten promotie protocol psychologie PTSS puber radicaal ramp Rapley Raynaud RCT reactie realiteit rechten van het kind rechten-van-het-kind reclame redden redenen redeneren referentie referenties reflexen reflux regelen regelmaat regels reinheid relactatie relatie religie respect responsief ouderschap reuk revolutie richtlijn Riley ringsling risico risico van geen borstvoeding risicogedrag rituelen Robert De Niro robot roes roken rollen Romeo en Julia röntgenfoto routines rouw rozengeur RPS ruimte rumenzuur rust rustig RVP safe motherhood sagen salie salma hayek Salmonella samen samen slapen samenspel samenstelling samenwerking SBO congres scan Scandinavië schaamte schaap schade scheiding-van-moeder-en-kind scheidingsangst scheikunde schema schildklier schimmel schimmelinfecties schisis schizofrenie scholing schoonheid schrijven schudden schuim schuld schuldgevoel secreet seksisme seksleven seksualiteit seksuele mishandeling sensitief ouderschap sensitieve zorg SES Shakira show SIDS silicium simultaan voeden sintjanskruid slaap slaapcondities slaapcyclus slaapgebrek slaapomgeving slaappatroon slaapproblemen slaapritme slaaptraining slapen slendang smaak smaakontwikkeling smoes sneeuw sociaal gedrag sociaal netwerk socialiseren softdrugs sondevoeding soortspecifiek SPECT speen speenhoes spelen spelregels spenen spijsvertering sponsoring sport spraakontwikkeling spreken sprongetjes sprookjes spruw spugen stamcellen stand standaard stappenplan start statistieken Stefan Kleintjes stemherkenning sterk steun stoppen storen stress strijdmodel structuur studie stukjes stuwing substituut suiker suikermetabolisme suikerwater suppletie surrogaat symbiose taal taboe tandemvoeden tanden tattoo TBS te veel melk te weinig melk team technieken technologie tegendruk tegenwerken tellen temperatuur tentoonstelling tepelhoedje tepelkloven tepelproblemen tepels terminologie testosteron TGF-beta1 The Bad Mother's Handbook thema therapeutisch flesvoeden therapie thymus tienermoeder tijd tijger TNO toeschietreflex tolerant tong tongriem tortocillis toveren toxinen TRAIL triple P troosten trots trouw trucjes tweeling twijfel twilight type uitkomsten uitvinden Uncle Vernon UNICEF uniek universiteit urban legend utopia vaardigheden vacceenzuur vaccinatie vacuum vader vaderrol vaderschap vak vakantie valentijn vallen vampier variabelen variatie vaste voeding VBBB VBN vechten vegetariër veilig veiligheid verandering verantwoordelijkheid verantwoording verdediging verdriet vergelijking verhalen verkoudheid verliefd verloskundige vermoeidheid verondersteld te weinig melksyndroom verschillen verslikken verstopping vertrouwen verwaarlozing verwachten verwachting verwachtingen verwarmen verwarring verwennen verzadigingsignalen verzorgen verzorging vet vetzuren vies vingervoeding virus visite vitamine A vitamine B vitamine C vitamine D vitamine K vlakke tepels voeden voeden op verzoek voeding voeding moeder voedingesindustrie voedingsbeha voedingscentrum voedingsfrequentie voedingskussen voedingsmethode voedingspatroon voedingsstoffen voedingswaarde voedsel Voldemort voldoende volksgezondheid volledige zuigelingenvoeding volturi voorbeeld voorbereiden voorbereiding voordeel voordelen voorkeurshouding voorkomen voorlichting voornemen vooronderstelling voorschrift voortgezette borstvoeding voorwaarden vorm vraag vraag en aanbod vragen vreemd vreugde vriezer vrijwilligers vroede vrouw vroeggeboorte vrouw vruchtbaarheid vuistregels vulture vuurwerk vzwBorstvoeding waarde waarheid WABA wapens WAPF warmte water waterhuishouding waterpokken waterwereld WBW weeën wereldvrede werkende moeder werkende vader werkgever Weston A Price wetenschap wetgever WHO Whoopi wiegelied wiegendood wijkverpleegkundige wijsheid will smith winkel winkel concept winst wisselkind woede wolf wondermiddel woonomgeving woorden workshop WYSIWYG Yvo Smulders zalf zelfbeschikking zelfregulatie zelfstandig zelfvertrouwen ziektelast ziekteverekkers ziel zien zilver zink zintuigen zitten zoeken zoet zoethoudertjes zonlicht zonnesteek zoogdieren zoogkompressen zorg Zorg voor Borstvoeding zorgen zorggedrag zorgverleners zorgzaam zout zuigbehoefte zuigelingen zuigelingenvoeding zuigen zuigfles zuivelindustrie zwanger zwangerschap zwembad

Drukwerk educatieve materialen

Prijsprinter - copyshop - banner