Pagina's

Eurolac!

Een blog met (bijna) dagelijkse columns over borstvoeding, hoe het gaat, hoe het ook zou kunnen. Discussie, ironie, satire en parodie worden als stijlbloemen niet verguisd, naast gewone recht-toe recht-aan informatie.
Posts tonen met het label kennis. Alle posts tonen
Posts tonen met het label kennis. Alle posts tonen

zondag 17 november 2013

Bewijs

Foto: Dana Delany als forensisch arts Megan Hunt  in Body of Proof  (2011–2013) laat de lichamen van slachtoffers het bewijs leveren over hoe ze aan hun einde kwamen en hoe ze leefden.

‘’Kennis is weten dat een tomaat een vrucht is, wijsheid is dat je hem niet in een vruchtensalade doet.’’ Dat was een spreuk die een poosje terug over Facebook ging. Ik ben daarover in discussie gegaan, want ik was het er niet mee eens. Het kennisdeel klopt. Plantkundig gezien is een tomaat een vrucht. Culinair heet een tomaat een vruchtgroente, net als paprika, komkommer en aubergine bijvoorbeeld. Taalkundig is een tomaat wel een vrucht, maar geen fruit. Fruit is de taalkundige benaming voor vruchten die niet als groente worden gegeten. Bij mij in huis liggen de tomaten, paprika’s en komkommers gezusterlijk naast de appels, mandarijnen en bananen op de fruitschaal. En tomaten eet ik ook wel eens zoet met honing, aardbeien eet ik graag met een draai zwarte peper en fruit gaat wel eens door een salade of warm hartig gerecht. Dus wat is nu wijsheid? De in de spreuk genoemde wijsheid is geen wijsheid maar cultureel conformisme.

Wijsheid en bewijs zijn beide vormen van het woord weten. Kennis heeft ook met weten te maken. Kennis wil zeggen een boel feiten paraat hebben, weten hoe dingen werken en eruit zien bijvoorbeeld. Wijsheid vind je, daarmee had de spreuk wel gelijk, in het weten hoe en op welke manier die kennis is toe te passen. Bewijs is meer het resultaat van bewust en methodisch op zoek gaan naar oorzaken en gevolgen, verbanden en uitsluitingen. Kennis die is gebaseerd op bewijs wordt gezien als het meest waardevol, maar bewezen kennis zonder de wijsheid om het goed toe te passen brengt het je nergens of het werkt zelfs averechts. Kennis en bewijs zijn de makkelijke aspecten van ons drietal, dat kan je leren, bestuderen en zoeken. Met een bepaalde mate van  verstandelijke vermogens en voldoende geheugencapaciteit kun je er ver mee komen. Wijsheid is niet iets dat bewust te oefenen is en te kopen al helemaal niet. Wijsheid berust op kennis en ervaring en het vermogen tot inzichtelijk, analytisch én synthetiserend, en met voorstellingsvermogen (''fantasie'') denken.

Door deze kenmerken van kennis, bewijs en wijsheid en het uitsluiten van wijsheid bij het wetenschappelijke kennis en bewijs gebaseerde denken, worden heel wat verre van wijze conclusies getrokken en richtlijnen opgesteld. Wijsheid is namelijk niet bewijsbaar, wordt vaak gezien als een vorm van intuïtie of ‘’op mijn klompen aanvoelen’’. Aan de andere kant claimt het kennis en bewijs gebaseerde wetenschappelijk denken ook de wijsheid in pacht te hebben, alsof met kennis en bewijs de wijsheid vanzelf wordt meegeleverd. In feite mist dit denken het vermogen om de onjuistheden, beperkingen en inconsequenties in de eigen redenaties op te merken en met werkelijke wijsheid te werken.

In feite is wijsheid iets dat met de jaren komt als het niet door ons onderwijssysteem met wortel en al tak is uitgeroeid voor het tot ontwikkeling kon komen. In een onderwijsklimaat waar stilzitten en braaf doen wat juf of meester zegt als hoogste goed wordt gezien samen met goede cijfers halen, waar spelen, bewegen en je aandacht door allerlei curieuze zaken laten vangen wordt afgekeurd op zijn best en met een psychiatrisch  probleem label wordt afgestraft, is weinig gelegenheid door het opbouwen van wijsheid en het leren van relevante kennis en het leveren van goed onderzocht bewijs voor die kennis. Ongebreidelde en onbegrensde nieuwsgierigheid, of beter leergierigheid, is een voorwaarde voor het vergaren van kennis en wijsheid. Het mogen maken van fouten is ook nodig voor het verkrijgen van wijsheid.

In de begeleiding van moeders en kinderen bij borstvoeding is veel sprake van kennis en bewijs, maar over het algemeen van  weinig wijsheid. Waar gebrek aan kennis en bewijs niet wordt gecompenseerd door wijsheid (op basis van nieuwsgierigheid, logisch en voorstellend denkvermogen en non-conformisme), leidt het tot onjuiste informatievoorziening, advisering en begeleiding. Dat is voor het overgrote deel de oorzaak voor falende lactatie. Bewijs is goed, wijsheid is beter. 
 
Iedere vrouw die moeder wordt heeft in zich een vorm van wijsheid die is ontstaan door de eeuwen- en eeuwenlange ervaring van moederlichamen. Wij noemen dat instincten en ze liggen in de blauwdruk van de mens (van elk zoogdier, in feite) verankerd. Het is alleen zo jammer dat cultureel bepaalde kennis en bewijs zo veel meer stemkracht hebben als een vrouw pas moeder is geworden. Ook die cultureel bepaalde vooronderstellingen en ideeën, percepties van kennis, zitten stevig ingebakken in het denken van de meeste moeders. De innerlijke wijsheid heeft soms veel moeite om haar stem daarboven te verheffen. Cultureel conformisme is een machtige stimulus voor het handelen. Dat geldt voor het indelen van vruchten in de klassen fruit of groenten, maar ook over onderwerpen rond de zorg voor en het voeden van onze pasgeborenen.

maandag 14 oktober 2013

Alledag

Foto: Mayim Bialik, bekend van onder andere  The Big Bang Theory (2007– ) in een heel alledaags beeld: op weg naar haar werk in de New Yorkse metro.

Borstvoeding is iets heel alledaags. Het is zo alledaags dat het niemand opvalt. Het zo alledaags dat het pas opvalt als het uitblijft en een kind huilt. Waarom schrijf ik er dan toch dag na dag weer een stukje over. Over alledaagse dingen hoef je niet te schrijven, hoe interessant is dat helemaal. Het antwoord is natuurlijk dat in onze cultuur dat alledaagse beeld van borstvoeding een beetje mist in het straatbeeld. En omdat die alledaagsheid bij ons zo onalledaags is, zijn wij een beetje kwijt hoe alledaags het zou moeten zijn. Omdat het niet meer alledaags is, niet meer zichtbaar in het alledaagse straatbeeld, weten jonge moeders ook niet meer hoe het werkt en lijkt het iets heel bijzonders en moeilijks. In plaats iets van alledag wordt borstvoeding geven iets heel bijzonders, een vaardigheid waarvoor professionele hulp nodig is en waarvan het maar de vraag is of je het wel kan. En voor de moeders bij wie het uiteindelijk wel werkt blijkt het ineens vreemd gevonden te worden als ze dat zomaar in het wild gaan doen.

De onalledaagsheid van het alledaagse borstvoeding geven maakt het voor hen die het wel willen doen moeilijker. Niet alleen om er alledaags over te doen, maar ook om het te doen. Wat je niet ziet is onbekend en wat onbekend is lijkt moeilijk. Voeg daarbij de mythen en fabels die rondom geheimzinnige zaken worden gecreëerd en het probleem wordt episch. Borstvoeding is inmiddels in plaats van een alledaagse bezigheid verworden tot een avontuur met twijfelachtige afloop. Aanstaande moeders kondigen wat weifelend aan dat ze gaan proberen of het lukt. En zo vreemd is die twijfel niet, want een maand nadat een kleine 80% van de pasbevallen moeders is begonnen met borstvoeding geven is de helft er alweer mee gestopt. Hen lukte het dus niet. Kennelijk is het inderdaad een moeilijk iets. Een soort Russische roulette, maar dan met 1 kans op 2 dat je de losse flodder krijgt, in plaats van 1 op 6. Gelukkig is het risico over algemeen niet zo dodelijk.

Als om het even welke andere essentiële, maar fysiologische functie van het mensenleven zo vaak fout ging, zouden we ons toch eens terdege achter de oren krabben en ons afvragen wat daar fout gaat. En we zouden dan ineens kunnen ontdekken dat er een vreemde set van regels is ontstaan die ervoor zorgt dat het voedsel dat in de mond en door het spijsverteringsstelsel moet gaan, net even verder weg gelegd wordt als de arm lang is. Of dat de brokken zo groot zijn, dat de mond ze niet kan afhappen en dat maar weinig mensen op het idee komen er kleinere stukken van te maken. Ik noem maar iets, he. Het moge duidelijk zijn dat we in een dergelijk scenario als de wiedeweerga zouden zorgen voor aanpassing van de regels en zorgen dat het voedsel eenvoudig bereikbaar zou worden voor ideeën en ent voor de happy few met net wat langere armen of wat meer fantasie.

Maar niet zo bij borstvoeding. De meest hilarische (als ze niet zo treurig waren) regels blijven welig tieren. De meest a-functionele protocollen worden vooropgesteld en uitgevoerd. Laten we de baby en zijn eten zo ver uit elkaar houden dat ze elkaar niet kunnen vinden. Yes! Laten we de borsten frustreren in hun vermogen melk te maken Yes! Laten we de hersen van de moeders overstromen met fantasieverhalen over normaal kindergedrag, zodat ze het normale gedrag van hun eigen kind niet meer herkennen. Yes! We can do! Zeker kunnen we dat, en erger nog: we doen het ook, met zijn allen, als maatschappij.

Als moeders en hun pasgeboren en jonge kinderen bij elkaar worden gehouden, wanneer we het normale gedrag van baby’s herkennen en er adequaat op reageren, als we borsten gewoon laten doen waarvoor ze gemaakt zijn, als we gewoon eens ophouden met moeders zeven kleuren stront te laten schijten van angst doodsangst aan te jagen voor het doen van normaal menselijk gedrag, dan zou borstvoeding best wel weer eens heel alledaags kunnen worden. Dan zouden wel eens alleen de moeders en kinderen met echte problemen in de anatomie of fysiologie problemen kunnen ervaren met borstvoeding. Dan zou borstvoeding niet meer overall de schuld van krijgen.

vrijdag 28 juni 2013

Scholing

Foto: Zicht op een leslokaal, Arteveldehogeschool, Gent (BE)

Een andere vorm van voorlichting en informatie geven is scholing voor zorgverleners. In feite is dat dezelfde informatie, maar dan dieper, breder en verder. De oplettende lezer zal nu en dan opgemerkt hebben dat ik niet een heel hoge pet op heb aangaande het gemiddelde kennisniveau van de gemiddelde zorgverlener over de menselijke lactatie en de begeleiding bij borstvoeding. Wat zorgverleners gemiddeld wete, hebben ze naar alle waarschijnlijkheid niet tijdens hun opleiding geleerd. Het onderdeel menselijke lactatie en begeleiding bij borstvoeding komt in de curricula van de diverse zorgopleidingen nauwelijks voor. En de kennis die wordt gedeeld is gemiddeld van een bedroevende kwaliteit. Door het scholen en bijscholen van zorgverleners probeer ik hier verbetering in te brengen.

Voor een deel werk ik mee aan het opleiden van nieuwe lactatiekundigen. Zij krijgen de breedste en diepste scholing. Het is een cursus die in de loop van een academisch jaar met meestal tweewekelijkse bijeenkomsten of tussen 20 en 25 lesdagen de theorie en praktijk van de menselijke lactatie en de begeleiding bij borstvoeding behandelt. Daarnaast bestuderen de studenten een stapel boeken, doen (literatuur)onderzoek, schrijven en scriptie en lopen stage. Om vervolgens echt lactatiekundige IBCLC te kunnen worden moet met goed gevolg een internationaal examen worden afgelegd. Dat examen levert een lactatiekundige op ‘’entry-level’’ af. Een breed opgeleide specialist, die zich door ervaring en doorgaande zelfstudie moet opwerken tot een ervaren specialist met een nog bredere en diepere kennis en vooral veel vaardigheden. Veel lactatiekundigen zullen hun kennis niet verbreden, maar op een of enkele aspecten verdiepen en een sub-specialist worden. Bijvoorbeeld een lactatiekundige die vooral werkt met moeders en baby’s in de eerste weken na de geboorte of eentje die vooral werkt met te vroeg geboren en zieke kinderen.

Een andere groep zorgverleners die ik mag scholen zijn verloskundigen, verpleegkundigen en kraamverzorgenden die hun vak op het gebied van de begeleiding bij borstvoeding beter willen kunnen uitvoeren. Zij vragen naar meer kennis over speciale omstandigheden, maar krijgen van mij over het algemeen (eerst) meer kennis over de basis, de fysiologie van de lactatie. Want het is mijn stellige, onderwijskundige, opvatting dat je pas het speciale kunt begrijpen als je het gewone beheerst. Je kunt pas zien of iets fout is (en hoe het fout is en waarom en hoe erg) wanneer je heel goed weet hoe het normaal is. Dan pas kun je het probleem effectief aanpakken. Wat ik vooral ook probeer over te brengen is dat kinderen die borstvoeding krijgen niet anders zijn dan kinderen die gen borstvoeding krijgen. Dat kinderen die geen borstvoeding krijgen niet plotseling andere behoeftes hebben. Dat dus vaak kleine beetjes voeden, veel bij mama zijn en korte slaapjes doen normaal babygedrag is en niet specifiek gedrag voor kinderen die borstvoeding krijgen.

De meeste lessen geef ik in persoon, in een klaslokaal. Ter ondersteuning van mijn verhaal gebruik  ik meestal een PowerPoint presentatie. Die presentaties zijn in de loop van de jaren sterk geëvolueerd. De eerste jaren leken ze nog heel erg op de overheadsheets die ik daarvoor gebruikte (ja, ik geef al zolang les dat ik mij de tijd van voor de computer gegenereerde diavoorstellingen heb meegemaakt). Het visuele aspect werd steeds belangrijker en de laatste paar jaar gebruik ik nauwelijks meer de geijkte bullet list dia's, maar een veel meer visuele presentatie met aanklikbare navigatie. Het maakt mijn verhaal dynamischer, maar het heeft als nadeel dat er geen bruikbare hand-outs uit te maken zijn. Nu vind ik dat persoonlijk geen groot nadeel, maar de meeste cursisten verwachten ze wel. Didactisch gezien hebben ze naar mijn smaak weinig meerwaarde.

Meest recente evolutiestapje in mijn lesgeven is de ontwikkeling van e-learning cursussen. Daarvan loopt er nu eentje en dat lijkt heel aardig te werken. Er zitten nog wel wat kinderziektes in die opgelost moeten worden. Dat wordt nog hard werken, want voor dit soort kinderziektes bestaan geen vaccins. Uitzieken dus maar en beter worden.

vrijdag 1 maart 2013

Onderwijs

Foto: Maggie Smith links als Minerva McGonagall in  Harry Potter and the Sorcerer's Stone (2001)  en rechts als Jean Brodie in  The Prime of Miss Jean Brodie (1969)
In deze tweede aflevering ontmoeten we Maggie Smith twee keer als onderwijzeres. Twee heel verschillende settings en twee keer een schooljuffrouw die buiten de normale verwachtingen van onderwijzers opereert. In de oudste film vertolkt ze een onderwijzeres die zich niet aan het verwachte curriculum en methodes houdt, in de andere zijn het vak (Configuratie, ofwel het veranderen van iets in iets anders) en het publiek (jonge tovenaars en heksen) eerder ongewoon, maar houdt ze zich wel aan de door de school verwachtte curriculum en methodes. Met een eerste opleiding in het onderwijs bekijk ik andere onderwijzers natuurlijk met net iets meer interesse. Naast mijn grote liefde voor borstvoeding en alles wat daarbij komt kijken, blijft onderwijzen ook een grote liefhebberij. Gelukkig komt er bij borstvoeding ook heel wat onderwijzen kijken, dus ik mijn twee liefhebberijen mooi combineren.
De enige die in het hele verhaal van borstvoeding geen onderwijs behoeft is het kind. Als we hem de gelegenheid geven en hem zijn gang laten gaan weet hij precies hoe het moet. Een beetje oefenen en experimenteren in een aanmoedigende omgeving – meer heeft hij niet nodig. Overigens geldt dat voor heel veel dingen die wij kinderen willen leren. Net als bij de interventiedrang rond baring en borstvoeding kan opzettelijk onderwijzen soms meer schade dan goeds aanrichten. Onderwijzen zou niet moeten zijn het vullen van een vat, maar het ontsteken van een vuur. Dat vuur mag overigens wel in een vat worden aangestoken om de omgeving te beschermen. Waarschijnlijk zal het bij volwassenen onderwijs ook zo werken, maar even waarschijnlijk zullen veel volwassenen al zo geconditioneerd zijn, dat ze niet meer zichzelf kunnen onderwijzen. Dus moeten moeders, vaders en degenen die hen helpen en begeleiden wel worden onderwezen in de kennis, de kunst en de vaardigheden van borstvoeding.
Ik begin bij dat onderricht meestal het liefst bij de kennis, omdat dan de instructie voor de vaardigheden beter worden begrepen en de kunst soepeler zal worden beoefend. Voor veel kunstenaars, in alle soorten kunst, met uitzondering van een enkel natuurtalent, is kunst in de eerste plaats een ambacht. Om een ambacht als vaardigheid te kunnen oefenen en uitoefenen zal de kennis van het materiaal en het gereedschap nodig zijn. Een zanger die begrijpt hoe zijn keel de klanken maakt, welke organen en spieren daarbij nodig zijn, zal zijn stem beter kunnen gebruiken, een betere vakman worden en minder risico op blessures hebben. Ook voor de meeste nieuwe moeders is moeder zijn en borstvoeding geven een ambacht dat moet worden geleerd. Er zijn maar weinig vrouwen die instinctmatig en als van nature aanvoelen hoe borstvoeding werkt en daar ook aan durven toegeven. Er is dus kennis nodig om die vaardigheden aan te leren en tot een kunst te maken.
Een moeder die begrijpt hoe klein een babymaagje is en hoe makkelijk moedermelk verteert, begrijpt ook waarom haar kindje zo vaak moet drinken en dat hij dus het makkelijkst zo dicht mogelijk bij haar kan blijven. Een moeder die begrijpt dat de melk niet door zuiging uit de borst komt, maar door massage en de toeschietreflex, snapt ook waarom de baby zijn mondje wijd open moet doen en een hele mondvol borst moet nemen. De moeder die doorheeft hoe alles met elkaar verweven is, durft te vertrouwen op de instincten van haar lichaam en die van haar kindje en tegen de maatschappelijke ideeën in haar eigen weg te gaan met haar kind. Moeder en kind hebben hun eigen curriculum en volgen hun eigen methode.
Bij het onderwijzen van zorgverleners is al die achtergrondkennis van borstvoeding natuurlijk ook de basis en dan zelfs nog wat uitgebreider. Daarnaast moeten zorgverleners ook leren hoe ze moeders kunnen begeleiden en de mogelijkheden van moeder en kind werkzaam maken. Ze moeten weten welk gedrag risico’s vergroot of verkleint. En ze moeten leren vertrouwen in de aangeboren vermogens van moeders en kinderen om het, met een beetje hulp, zelf te doen en te weten wat goed is. Maar soms kunnen zowel ouders als zorgverleners er meer aan hebben om eerst te zien hoe anderen het doen en het zelf uit te proberen en de theorie pas achteraf te krijgen. De taak van de onderwijzer is dan om eerst te zorgen voor goede voorbeelden. Zorgverleners lopen daartoe tijdens hun opleiding stage. Ouders zouden we eigenlijk van kinds af aan moeten onderdompelen met beelden (in het echt en in media) van moeders, kinderen en borstvoeding.
Eurolac Flits! met label onderwijs, kennis, leren. Deze links leiden naar een lijst met blogs met dit label, klik op de plaatjes in de linkerzijbalk voor meer verhaaltjes.

zondag 24 februari 2013

Nalaten

Foto: Bill Nighy als Minister Rufus Scrimgeour informeert (op de bank van links naar rechts) Emma Watsonals Hermione Granger, Rupert Grint als Ron Weasley en Daniel Radcliffe als Harry Potter over de nalatenschap van wijlen schoolhoofd professor Dumbledore in Harry Potter and the Deathly Hallows: Part 1
Taal is zo iets moois. Het is een spel, een kunst. Het mooie van taal is dat het leeft en dus verandert, vloeit, groeit en zich aanpast. Taal kan eerlijk zijn of verbloemend. Taal kan exact zijn of decoratief. Taal kan rechttoe-rechtaan zijn of opgebouwd uit lagen en coulissen. Taal kan een- en veelduidig zijn. Die meerduidigheid dat wordt mijn thema vandaag en wel rond het woord nalaten. Nalaten kan een nalatigheid zijn of een nalatenschap. Achterwege laten of achterlaten. Veronachtzamen of verzorgen. We kunnen iets nalaten om iets na te laten te hebben. We kunnen iets nalaten om niet nalatig te zijn. Het schoolhoofd laat wat spulletjes na om niet nalatig te zijn en zijn protegés zonder hulp achter te laten. De minister laat na te vertellen wat hij precies nalaat te vertellen om zijn eigen doelen te dienen.
Voor een zorgverlener kan een handeling nalaten een nalatigheid zijn of het kan de cliënt beschermen tegen kwaad. Het is de eerste taak en opdracht van elke zorgverlener om geen kwaad te doen. Niet om te genezen of te redden, maar om, om te beginnen, geen kwaad te doen. Dit kan een ethisch dilemma zijn, want soms kan tot het uiterste gaan om een cliënt te genezen of te redden juist wel kwaad doen. Bij een dergelijk dilemma kan het nooit kwaad om bij de cliënt zelf te rade te gaan: wat wil de cliënt zelf? Dat houdt in dat de zorgverlener uit zijn ivoren toren moet afdalen en de wensen van de cliënt voor die van zichzelf stellen. Of zich in elk geval die wensen van zijn cliënt kunnen voorstellen. Dat vergt een en ander van de empathische vermogens van de zorgverlener. Maar wat nu als de door de zorgverlener op basis van zijn professionele kennis geprefereerde handeling niet strookt met de wens van de cliënt? Dat is een ethisch dilemma van de hoogste orde. Het dilemma wordt nog groter als de cliënt de moeder is van het kind waarvoor de zorgverlener de handeling wenst. Moet de zorgverlener nu die handeling nalaten of moet hij nalaten naar de wens van de cliënt te luisteren? Wie heeft de zorg het meest nodig? Aan wie mag geen kwaad worden gedaan? Wie moet de handeling in de praktijk brengen?
In de zorg rond borstvoeding heb je ook veel te maken met nalaten. Vooral goede zorg rond in de eerste dagen wordt vaak nagelaten. En dat scheept vrijgevestigde lactatiekundigen op met een nalatenschap aan opgestapelde ellende. Er zijn namelijk nogal wat zorghandelingen die beter konden worden nagelaten vanwege de risico’s op middellange en langere termijn. Ook worden er andere dingen nagelaten, die juist beter wel gedaan zouden worden. Zo lijkt bijvoorbeeld op de korte termijn het op schema voeden (het nalaten van fysiologisch voeden en verzorgen) van een baby vaak best goed te werken. Later blijkt dan dat het melkmakende vermogen van de borsten onvoldoende is gestimuleerd en de moeder een doorlopend gevecht moet leveren om blijvend voldoende melk voor haar kindje te maken. Problemen met aanhappen en drinken lijken door het inzetten van een tepelhoedje (het nalaten van het aanleren van goede technieken, niet nalaten een onnodig hulpmiddel te gebruiken) goed te worden opgelost, maar later kan blijken dat die interventie niet heeft gezorgd voor een goede drinktechniek en de daaruit voortkomende problemen van kapotte tepels of onvoldoende groei. 
De nalatigheid van de zorg (door het niet op de hoogte zijn van of het niet uitvoeren van de juiste technieken en management) zorgt voor een vervelende nalatenschap voor moeder en kind in de weken en maanden erna.
Eurolac Flits! met label ethiek, zorgverlener, kennis, vaardigheden, Hippocrates. Deze links leiden naar een lijst met blogs met dit label, klik op de plaatjes in de linkerzijbalk voor meer verhaaltjes.

donderdag 29 november 2012

Beter weten

Foto: Justin Chon denkt als Harold Lam dat hij het beter weet of kan dan Hugh Laurie als de alles-wetende Dr. Gregory House in The Dig  (House M.D.: S 7, E 18)
Wie ervoor geleerd heeft, weet naar men aanneemt meer over een onderwerp dan wie er niet voor leerde. Dokters weten naar we aannemen dus meer over de gezondheid van mensen dan andere mensen. Wie denkt dat hij het beter weet dan de dokter wordt daar vaak toch wat vreemd op aangekeken. Het lijkt ook wel arrogant om de autoriteit van een autoriteit openlijk te betwijfelen. Sommige dokters kunnen daar ook aardig pissig over worden. Sommige dokters worden daar terecht boos over. Sommige onterecht. Hoe lang een medische studie ook duurt, een dokter kan niet alles over alles weten. Dat geeft niet. Zolang hij maar niet net doet alsof hij het wel weet*.
In het basisdeel van de studie geneeskunde leren de aankomende artsen over heel veel onderwerpen een beetje. Ze leren bijvoorbeeld hoe het menselijk lichaam in elkaar zit en functioneert, over organen en weefsels, over cellen en biologische chemie. En over hoe het menselijk lichaam fout functioneert: ziektes en gebreken, ontstekingen en infecties. En verder zal het vooral over ziekten en afwijkingen gaan. Bij stages gaat het over zieke mensen (uiteraard, wie gezond is gaat niet naar de dokter). Dan komen de specialisaties, waarbij het werkgebied steeds verder verkleind wordt en de kennis over dat steeds kleinere gebied breder en dieper wordt. Huisartsen houden een groot gebied over en moeten meer weten over meer verschillende dingen. Kinderartsen houden ook een breed gebied over, tenzij ze zich binnen de pediatrie verder gaan specialiseren.
In totaal is een dokter snel 10 jaar verder vanaf het verlaten van de middelbare school tot zijn eerste echte baan als dokter. Tien jaar is een flinke periode en je kan dus inderdaad wel stellen dat de dokter ervoor geleerd heeft. En hij weet veel. Heel veel. Maar niet alles. Dokters hebben zelfs grote zwarte gaten, onderwerpen waarvan ze weinig tot niets weten. De gezonde zuigeling, zijn normale gedrag bij slapen en eten is zo’n ‘’supermassive black hole’’**. Als ik moet afgaan op de adviezen, die moeders van hun artsen zeggen te krijgen, over de voeding en slaap van hun baby’s en peuters, is er sprake van een geïnstitutionaliseerde medische ignorantie (Newman, 2012). ‘Evidence based’ eisend bij elke voorgestelde verandering van de routines worden veel artsen zelf in het totaal niet gehinderd door het gebrek aan enige vorm van al dan niet wetenschappelijk gefundeerde kennis op dit gebied.
Moeders kunnen er niet vanuit gaan dat ‘’de dokter ervoor geleerd heeft’’ en weet waar hij het over heeft, als hij iets adviseert over de voeding en de slaap van haar baby of peuter. Jack Newman, zelf arts (kinderarts in Canada), adviseert moeders in opstand te komen tegen medische ignorantie en geeft een overzicht van punten ter controle van de borstvoeding vriendelijkheid van zorgverleners (Newman 2005, 2010). De ignorantie en het gebrek aan kennis heeft twee majeure oorzaken. De eerste is het feit dat de gemiddelde arts in die hele 10 jaar opleiding hooguit een paar uur heeft besteed aan het onderwerp zuigelingenvoeding en waarschijnlijk niets aan slaap. Dat grote zwarte gat in kennis is vervolgens bij een flink aantal artsen gevuld (of er zijn stevige pogingen gedaan) door vertegenwoordigers van partijen met sterke economische belangen bij bepaald voorschrijfgedrag van artsen. Die twee oorzaken leiden ertoe dat veel dokters ouders adviseren over de voeding en slaap van kinderen zonder enige basis in wetenschappelijk bewijs. Iets niet weten is niet erg. Wat wel erg is om die ignorantie te verhullen in een sluier van halve waarheden en reclamepraat, horen zeggen en oudewijvenpraatjes, doorweven met gouden draadjes voor een illusie van geleerdheid. Supermassieve zwarte gaten hebben revelatie nodig en daarom mogen moeders het beter weten dan de dokter en dat laten horen ook.
*) Nota Bene: ik ben me ervan bewust dat ik hier ernstig generaliseer en dat niet alle dokters ignorant zijn op dit gebied. Zoals bij al mijn lamentaties over zorgverleners geldt: wie de schoen past, trekke hem aan en op wie het niet van toepassing is: keep up the good work. En NB2: ik weet dat er mannelijke en vrouwelijke artsen zijn en juich dat toe, maar voor de leesbaarheid refereer ik naar alle artsen als 'hij' als ik 'hij of zij' bedoel. Overigens ijver ik ook voor afschaffing van genderverwijzingen in persoonlijke en bezittelijke voornaamwoorden en beroepsbenamingen. Maar dit terzijde.
**) Muse: Supermassive Black Hole van het album ‘Black Holes and Revelations’ (‘’zwarte gaten en onthullingen’’) met veel songteksten over politiek bedrog en winstbejag en hier en daar een samenzweringtheorie.
Jack Newman (2012): ‘’Mothers! Stand up against medical ignorance.‘’ op Facebook
Jack Newman (2005, 2010): Hoe herken je een zorgverlener die niet om borstvoeding geeft? vertaald uit het Engels op borstvoeding.com

vrijdag 9 november 2012

Probleemoplosser

Foto: Peter Falk als de altijd wat sjofele, onhandige, hannesende Columbo in de gelijknamige TV serie
Sommige mensen zijn van beroep probleemoplosser. O, zo vind je die omschrijving niet bij een banenmarkt of in een brochure met opleidingen. Ze heten daar ICT-er, detective, forensisch onderzoeker, loodgieter of helpdeskmedewerker. Detectives en forensisch onderzoekers spreken over het algemeen het meest tot de verbeelding. Zeg nou zelf: hoeveel films en TV series over loodgieters en helpdeskmedewerkers zijn er nou helemaal. Probleemoplossers in films en op TV zijn vaak wat vreemde, soms zelfs wereldvreemde, typetjes. Ze zijn aandoenlijk onhandig, daarmee vaak wel een scherp intellect verbergend, en lossen tussen hun gestuntel en onverwachte wendingen even het probleem op. Of ze zijn charlatans die zich voordoen als charlatans die zich serieus voordoen en dan terwijl ze iedereen op het verkeerde been hebben gezet alsnog het probleem oplossen. Ze kunnen ook super-gefocuste briljante geniën zijn met een niet bestaande sociale intelligentie en een fenomenaal geheugen voor irrelevante feitjes. Of het zijn geeks en nerds die hun hack-vaardigheden inzetten voor het algemeen goed in plaats van inbreken in het Pentagon. Of het zijn gewoon hardwerkende politiemensen met een onverwerkt, crimineel trauma in hun persoonlijke leven.
Ik ben zelf ook probleemoplosser van beroep. Ik los geen misdaden op en zet geen criminelen achter de tralies. Ik houd geen briljante sessie in een kamer vol verdachten en wat computers betreft kom ik niet veel verder dan google om dingen uit te vinden. Eigenlijk los ik niet eens zelf de meeste problemen op waarmee ik in aanraking kom. Waar sommige probleemoplossers vergeleken kunnen worden met een goochelaarshoed waaruit oplossingen als konijnen uit springen, ben ik meer een grote kaartenbak of database met feitjes en weetjes, en stukken en beetjes kennis. De mensen die naar mij toekomen om hun probleem opgelost te krijgen, moeten namelijk hun eigen probleem oplossen. Bij mij kunnen ze de kennis en ervaring vinden die ze voor het oplossen van hun problemen nodig hebben. Nou ben ik nogal een warhoofd en daarom ligt die kennis in mijn kaartenbak ook regelmatig danig rommelig door elkaar. Soms doe ik pogingen een soort index te maken, om de kennis die op een bepaald moment nodig is makkelijk boven water te krijgen.
Deze stukjes zijn zo’n poging tot indexeren. Er zitten namelijk etiketjes met trefwoorden op deze stukjes. Die etiketjes (labels) maken het makkelijker informatie terug te vinden.  En dat is handig, want met een kaartenbak zo vol met kennis en weetjes en feitjes samen met een boel totaal irrelevante quiz-weetjes, is het soms lastig dat ene stukje terug te vinden, of om te herinneren waar dat stukje kennis ook weer vandaan kwam. En mensen die naar mij toekomen om hun problemen op te lossen kunnen ook door die etiketjes zoeken of er iets tussen zit dat op hun probleem van toepassing is. Vreemd genoeg vinden ze toch vaak net niet dat wat perfect bij hun situatie past. Want elke mens is uniek, elke moeder, elk kind, en elke moeder-kind combinatie is uniek. En dus heb ik nog wel werk te doen. Als probleemoplosser. Assistent-probleemoplosser, eigenlijk, die de briefjes uit de kaartenbak opvist die deze moeder en dit kind op dit moment kunnen gebruiken.

woensdag 26 september 2012

Overeenkomst

Julia Roberts en Richard Gere hebben als Maggie Carpenter en Ike Graham in Runaway Bride (foto) en als Vivian Ward  en Edward Lewis in Pretty Woman strubbelingen met het aangaan en zich houden aan overeenkomsten.
Deel 5 in Een paar apart, een serie waarin aparte paren acteurs de inspiratie zijn.
Ik zit in de trein en erger me. Had ik nou maar toch die andere route gekozen. Was ik nou maar toch maar met die vroegere trein gegaan. Want nu leidt de vertraging van trein 1 tot het missen van de aansluiting met trein 2 en daarom zal ik mij niet aan mijn afspraak kunnen houden. Had ik maar …, was ik  maar …, mopperdemopperdemopper. Waarom geef ik eigenlijk mijzelf de schuld? Ik heb mijn reis goed gepland om op tijd op mijn afspraak te komen. Goed de dienstregeling doorgenomen, alternatieven naast elkaar gelegd, voors en tegens afgewogen. De reis die ik zo plande had mij precies op tijd op mijn plaats van bestemming moeten brengen. Precies op tijd om mijn verplichting na te komen. Als de treinen hadden gereden op tijden dat ze hadden moeten rijden. Als de vervoersaanbieder zich aan zijn verplichtingen had gehouden. Ik hoef mij dus het niet na kunnen komen van mijn overeenkomst niet zelf te verwijten; de schuld ligt elders.
Nu had ik natuurlijk, op basis van voorgaande resultaten van deze aanbieder, een uur extra kunnen inplannen. Ik had kunnen anticiperen op de teleurstellende manier waarop deze aanbieder bij eerdere overeenkomsten met de gemaakte afspraken omging. Had ik misschien dan toch … Nee, eigenlijk niet. De vervoersaanbieder zet een aanbod neer. Door het aanschaffen en betalen van een vervoersbewijs ga ik met die vervoersaanbieder een overeenkomst aan op basis van zijn aanbod: trein X rijdt op die en die tijd van A naar B en trein Y rijdt op die en die tijd van B naar C. Ik betaal, hij zorgt dat die treinen op de afgesproken tijd van de begin- naar de eindpunten rijden. Ik houd me aan mijn deel van de overeenkomst: ik betaal mijn kaartje, gedraag me behoorlijk, val andere passagiers niet lastig en houd het materieel intact. Hij moet zich aan zijn deel houden.
Afspraken en overeenkomsten tussen twee partijen zijn bindend, ook als ze niet in drievoud op papier door een notaris zijn opgesteld. Dat geldt voor vervoersaanbieders en dat geldt voor zorgaanbieders. Zorgaanbieder en zorgvrager gaan een overeenkomst aan, die meestal niet is opgeschreven en vaak niet eens met zoveel woorden besproken, maar evengoed een overeenkomst. Met voorwaarden voor beide partijen. De zorgvrager betaalt de overeengekomen prijs en staat de zorgaanbieder toe waar nodig onderzoek te verrichten. De zorgaanbieder verleent zorg binnen zijn eigen expertise, naar beste vermogen en volgens de geldende standaarden voor zorg. Zo mag de zorgvrager, die de juiste aanbieder heeft gekozen voor het bieden van zorg voor haar specifieke zorgvraag, ervan uit gaan dat deze voldoende kennis van zaken en voldoende vaardigheden heeft om adequate zorg te bieden. Een moeder en baby, die samen een overeenkomst zijn aangegaan, kunnen zich daaraan misschien niet houden als de zorgaanbieder, waarmee de moeder een overeenkomst aangaat, zich niet aan de afspraken of voorwaarden houdt; net zoals ik mij niet aan mijn afspraak om op tijd ergens te zijn kon houden, omdat de vervoersaanbieder, waarmee ik een overeenkomst was aangegaan, zich niet aan zijn voorwaarden hield.
Instellingen en overheden die zich op een of andere manier bezighouden met de zorg voor moeder en kind hebben zich verenigd in een ‘Platform Borstvoeding’ en zijn een overeenkomst aangegaan in de vorm van het Charter voor Borstvoeding Een mooi initiatief. Indien uitwerkend zoals werd bedoeld opent het mooie perspectieven voor moeders en baby’s. Hoe meer deelnemers aan een overeenkomst hoe moeilijker het wordt om in de gaten te houden of iedereen zich aan de gemaakt afspraken houdt. Afspraken die om te beginnen vaak al in algemene termen zijn gesteld, omdat de verschillende deelnemers heel verschillende eigen agenda’s hebben. Vooralsnog doen moeders en kinderen er waarschijnlijk goed aan toch maar een uur extra reistijd in te calculeren of voor eigen vervoer te zorgen.
Eurolac Flits! met label zorgverlener, zorgverleners, zorg, vaardigheden, kennis

maandag 10 september 2012

Verhaaltjes

Foto: John Hurt vertelt als The Storyteller  in de gelijknamige TV serie verhalen aan zijn cynische hond
In tijden en streken waar het schrift niet bestaat of geen belangrijke plaats in het maatschappelijk leven heeft, zijn verhalen de drager van kennis en informatie. De verteller van verhalen is daarmee een belangrijk persoon, die met alle egards wordt ontvangen, de beste plaats aan de haard krijgt en de lekkerste hapjes van het maal. Een kale opsomming van feiten is niet aangenaam om te vertellen of om naar te luisteren en dus wordt de boodschap fraai verpakt, met uitweidingen, tierelantijnen en vergelijkingen. Niet dat het verhaal daarmee nu direct een onwaarheid wordt, het is ook niet meer precies zo als de werkelijkheid oorspronkelijk was. Een goede verhalenverteller kon ook zijn leven redden of in elk geval rekken, zoals het geval was met Scheherazade door het vertellen van mooie en verhalen.
Ook in onze hoog-technologische samenleving met informatiebronnen te kust en te keur, worden nog steeds verhalen verteld. Verhalen ter leringhe ende vermaeck. Verhalen voor het vermaak, die mag ik wel, om te lezen en om te schrijven. Of om naar te kijken wanneer het om visueel vormgegeven verhalen zoals films gaat. Verhaaltjes om van te leren kunnen ook heel aangenaam zijn en ook heel leerzaam. Bij de leerzame verhalen is het wel zaak goed in de gaten te houden wat de intentie en de achtergrond van de verhalenverteller is. Is de verhalerverteller vol van kennis die hij wil delen met zijn publiek of wil hij zijn huid redden door zijn toehoorders bezig te houden en af te leiden van hun eigenlijke doel? Wil de verhalenverteller met zijn educatieve verhalen de luisteraars goed doen of wil hij vooral zichzelf en zijn portemonnee goed doen? Is de verhalenverteller oprecht en weet hij werkelijk waarover hij het heeft of is hij oprecht in zijn geloof dat hij de werkelijke waarheid vertelt?
De toehoorder heeft ook intenties wanneer hij luistert naar een verhaal (of kijkt naar een visueel weergegeven verhaal). Wil de luisteraar aangenaam worden bezig gehouden of wil hij wat leren? Wil de toehoorder dat zijn eigen fantasie wordt geprikkeld of wil hij voedsel voor zijn kennis verwerkende hersendeel? Heeft de ontvanger verstrooiing nodig of kennis om een opdracht naar behoren uit te voeren? De eisen die iemand stelt aan de verhalenverteller wanneer hij slechts zoekt naar verstrooiing en prikkeling van zijn fantasie zijn anders dan wanneer hij dorst naar kennis en kundigheid. Het zou wel eens handig zijn wanneer verhalenvertellers hun intenties duidelijker zouden communiceren voor ze aan hun verhaal beginnen. Aangezien dat lang niet altijd zo is, zal de toehoorder zelf enig opzoekwerk moeten verrichten voor het luisteren kan beginnen.
Wie op zoek is naar ware en waarachtige kennis begint met zich af te vragen wie de meeste kans heeft die gewenste kennis te bezitten en te kunnen of willen delen. Wie meer wil weten over de werking van de elektrische leidingen en aansluitingen in zijn huis gaat dat niet bij de loodgieter zoeken. De loodgieter heeft misschien wel ideeën over elektriciteit en in zijn werk kan hij soms ook in aanraking komen met elektriciteit, maar het is niet zijn specialiteit. Omgekeerd zal de elektricien heus iets over loodgieterij weten, want loodgieterij en elektriciteit ontmoeten elkaar met enige regelmaat, maar een specialist in waterwerken is hij niet. Een aannemer of een architect weet van zowel loodgieterij als van elektriciteit, maar van allebei vooral algemene en niet de dieperliggende zaken. Zoek de verhalenverteller die over het onderwerp geleerd heeft, hetzij op ambachtelijk of op academisch niveau.
Een andere manier om het aanbod van verhalen te schiften is te kijken wie van welke informatie voordeel heeft. Dit is vooral van belang wanneer met  bepaalde kennis iets te koop wordt aangeboden. Wie een vervoermiddel zoekt gaat niet bij een enkele fabrikant van een enkel soort vervoermiddel te rade. De kans is groot dat zij informatie krijgt die op zijn best eenzijdig is. Het is immers in het financiële belang van de fabrikant dat zijn product wordt gekozen. Wie een wasmiddel zoekt zal via de klantenservice van een A-merk heel andere informatie krijgen dan op de site van een non-profit organisatie die producten vergelijkt. En nog weer anders dan bij mensen die uitgaan van zelfvoorziening en duurzaam huishouden.
Informatie over de gezondheid, de voeding en opvoeding van kinderen wordt door verhalenvertellers van allerlei pluimage verteld. Sommige vertellers zetten een podium op, midden op het marktplein, en maken een complete show van hun vertelling. Pas later zien de toehoorders de pet die dwingend rond gaat en de verkoopproducten waarop het podium is gebouwd. Anderen gaan langs de kant van het marktplein in een kraampje zitten en stallen hun kennis en kundigheid uit, spreken passanten aan. Ze hebben een verhaal te vertellen en laten dit weten ook, maar beginnen pas echt met vertellen als het ze wordt gevraagd. Sommige vertellers lopen tussen de toehoorders en vertellen alleen aan elkaar wat ze weten en wat ze zelf hebben ervaren.
Ouders die goede informatie willen over de voeding en opvoeding van hun kinderen kunnen zich laten entertainen door de grote show in het midden, maar voor echte kennis zoeken ze in de kraampjes naar een verteller met de juiste diploma’s aan de muur en passende ervaring in het vak en ze knopen verhalen-uitwisselende gesprekjes aan met de ervaringsdeskundigen op het plein: andere ouders.

vrijdag 31 augustus 2012

Heel maken

Foto: Tom Cruise als Vincent, Jamie Foxx als Max en Barry Shabaka Henley als Daniel in Collateral, over collaterale schade bij de operaties van een huurmoordenaar
 ‘’Moenia en Mok richten zich eerst tot hun eigen Kern, vandaar uit tot die van elkaar. Samen vormen ze een heldere draad die zich verbindt met draden uit het helersnet. Samen sturen ze de draad in het zwakker wordende dier, zoekend naar het binnengedrongen projectiel. De draad wikkelt zich eromheen en trekt het pijlvormige stukje ijzer naar buiten. Een nieuwe draad volgt de eerste op en zoekt in het diertje naar verdere verwondingen en dicht ze.’’
De droom van veel heelmeesters: als je toch eens op een niet-invasieve manier, zoals met de gedachtenprojectie in het verhaalfragment*, in het lichaam zou kunnen komen en daar ter plekke zien wat ziek is en het helen. We hebben natuurlijk allerlei beeldvormingsmethoden, waarbij we met behoorlijke nauwkeurigheid kunnen bepalen wat waar in het lichaam gebeurt, maar om fouten te herstellen moeten we dan toch het lichaam binnendringen en in het helingsproces andere dingen kapot maken. Want: waar gehakt wordt vallen spaanders en wie een omelet wil moet eieren breken.
Toch hebben ook wij, zonder magie, de beschikking over allerlei manieren om te onderzoeken en vinden wat er fout is in een lichaam en het te helen zonder collaterale schade. Alle onderzoek naar mogelijke afwijkingen, ziekte, disfunctioneren en schade moet zijn gebaseerd op een feilloze kennis van het lichaam in normale staat. Alles staat en valt met de kennis van de normale anatomie en fysiologie van het organisme dat wordt onderzocht en moet worden geheeld. Gelukkig is onze kennis van hoe het menselijk lichaam in elkaar steekt en werkt inmiddels aardig goed geworden en hoeven we ons niet meer te behelpen met religieus getinte aannames en magisch-denken verklaringen voor enge verschijnselen.
Bij borstvoeding moeten we kennis hebben over de anatomie van de borsten, de delen van de baby die een rol spelen bij het drinken aan de borst, het opnemen en verwerken van voedsel en van de samenwerking tussen die twee (maternaal en kinderlijk) systemen. Daarnaast is kennis nodig over de beïnvloeding door de eigen psyche van moeder en kind en over de interactie tussen moeder en kind en hun sociale omgeving.
Op basis van die degelijke, grondige en vrij opvraagbare kennis kan dan worden geobserveerd, gemeten, onderzocht en gepalpeerd op zoek naar afwijkingen van het normale patroon. Veel kan aan de buitenkant worden waargenomen, soms is medische beeldvorming nodig met behulp van echo, scans of röntgen. Wanneer een variatie of afwijking in het patroon werd gevonden, moet worden vastgesteld of die afwijking groot genoeg is om problemen te veroorzaken, alleen of in combinatie met andere variaties, en wat de oorzaak of reden voor de variatie is. Op basis daarvan kan een behandeling worden vastgesteld. Of meerdere behandelingsmogelijkheden. Sommige van die opties zullen bestaan uit handelingen die door moeder en/of kind zelf zijn uit voeren, sommige uit handelingen door de zorgverlener uit te voeren. Soms is invasieve behandeling nodig en zal er moeten worden gesmeerd, geslikt, geprikt, gespoten of gesneden.
Waar mogelijk zal worden gekozen voor interventies die door moeder en/of kind zelf kunnen worden uitgevoerd. Dit geeft het minste risico van collaterale schade en is heel goed voor het gevoel van eigenwaarde van de moeder. De tweede voorkeurspositie gaat naar niet-invasieve interventie door een zorgverlener. Weinig kans op bijkomende schade, maar het mist de positieve feedback voor de moeder. Als het niet anders kan is invasieve interventie door of onder begeleiding van een zorgverlener nodig. Daar moet dan ook weer niet te lang mee worden gewacht: hoe langer een probleem bestaat, hoe moeilijker het wordt om het op te lossen. De zorgverlener moet daarbij alles op alles zetten om de interventie zo klein mogelijk te houden, maar zo groot als noodzakelijk is, en waar mogelijk zo min mogelijk extra verstoringen in het patroon te veroorzaken. In de praktijk komt dat neer op het zo dicht mogelijk bij elkaar houden van moeder en kind en de borstvoeding zo snel mogelijk te hervatten. Er zijn maar heel weinig medisch condities in moeder en kind die het geven en krijgen van borstvoeding onmogelijk of ongewenst maken.
*) Fragment: Gonneke Staas: Hictamah – kronieken van een aartsmagiër. In ontwikkeling.

donderdag 30 augustus 2012

Fantastisch

Foto: Tanisha Mitchell begon haar queeste toen ze 17 was en ruim 230kg woog.
‘’Wat goed dat je dat nog steeds kan!’’ ‘’Wat knap dat je het al zo lang vol houdt!’’ ‘’Dat bewonder ik, hoor, vrouwen die dat kunnen opbrengen.’’ Dit zijn uitingen die ik mezelf hoor denken als ik bijvoorbeeld kijk naar dat programma over een kamp voor ziekelijk obese pubers in de Verenigde Staten. Die daar zwaar gehandicapt binnen komen, nauwelijks kunnen lopen door extreem overgewicht en die er, maanden of jaren later, volkomen gezond vertrekken na het verliezen van soms wel meer dan de helft van het gewicht waar ze mee begonnen. Fantastisch, geweldig, chapeau. Deze jonge mensen leveren uitzonderlijke prestaties. Ze overwinnen zichzelf en de vooroordelen van hun omgeving. Ze maken een keuze en voeren die uit. Als ze vallen staan ze weer op, als ze terugvallen beginnen ze opnieuw; ze aanvaarden de letterlijke en figuurlijke hand die ze wordt toegereikt door coaches en trainers. Ze moedigen elkaar aan, helpen elkaar en juichen om elkaars tussentijdse overwinningen.
Dezelfde uitingen van bewondering of verwondering horen vrouwen die langer borstvoeding geven dan pakweg drie maanden vrijwel dagelijks. Nu is het natuurlijk altijd fijn om complimenten te krijgen, wie wil er nu niet worden gewaardeerd. Toch is het wat wrang dat dit soort opmerkingen ook vaak wordt gemaakt door zorgverleners. Houd me ten goede, ik hoor ze liever dan de opmerkingen die aangeven ‘dat het nu wel mooi geweest is’, in gedachten mogelijk aangevuld met ‘met die onzin’. Of opmerkingen die indiceren dat het wel leuk is als moeder dat perse wil, maar dat het na x weken of y maanden echt geen meerwaarde meer heeft. Maar het getuigt eerlijk gezegd van wat professioneel onbenul om het zo fantastisch te vinden dat vrouwen gewoon doen waar hun lijf is gemaakt. Ik bedoel, we staan toch ook niet als hysterische cheerleaders rondom iemand die lekker aan het ademen is, al 3 jaar lang. Het is ronduit fantastische dat lichamen zodanig zijn ontworpen en gebouwd dat ze al die dingen zomaar zonder mankeren kunnen doen: jaar na jaar na jaar ademen, eten, verteren omzetten en uitscheiden. en melk maken. Gewoon, zomaar, stel je voor, een melkfabriek in je lijf die helemaal volautomatisch opstart als er behoefte aan is, waar je maar van hoeft af te nemen om de productie aan de gang te houden.
Er is weinig fantastisch aan om gewoon dat lijf aan de gang te houden als het gewoon functioneert zoals het werd bedoeld. Weinig nood aan volhouden en doorzetten. Dat lijf doet het wel, net als het bij alle andere normale, standaard ingebouwde functies het gewoon doet. Meestal, mits er geen productiefoutjes zijn. Meestal, indien naar behoren gebruikt en onderhouden. Meestal, tenzij het wordt tegengewerkt. De ironie wil, dat het vaak juist die bewonderende zorgverleners zijn die meewerken aan het tegenwerken. Niet actief door ontmoedigen of afraden, maar passief, door onbegrip en falende kennis en vaardigheden. Of zelfs door verzuimen te zeggen: ‘’Daar weet ik te weinig van, hier heb je de naam van een deskundige’’. Iets niet kunnen of niet weten is geen schande, maar dat feit verdoezelen wel; niet weten, maar doen of je het wel weet en maar wat voorschrijven is een medische zonde van de eerste orde. Cliënten van dergelijke zorgverleners, die langer dan een paar weken of een paar maanden borstvoeding geven, doen dit niet dankzij, maar ondanks de zorgverlener in kwestie. En dat is wellicht wel heel erg fantastisch. Fantastisch dat zij hun keuze maken en deze uitvoeren en dat doen zonder steun, advies en adequate begeleiding.
Fantastisch dat het je al zolang lukt om tegen de verdrukking in borstvoeding te geven. Dat mag dan best wel eens gezegd worden.
Bart Timmers: Daar kan ik niks aan doen!<>. Artsennet, 29 augustus 2012

maandag 20 augustus 2012

Goed, slecht en lelijk.

Foto: Clint Eastwood als Blondie/The Good, Eli Wallach als Tuco/The Ugly en Lee Van Cleef als Sentenza/Angel Eyes/The Bad in The Good, the Bad and the Ugly (1966)
 ‘’In mijn familie zit slechte melk’’ las ik op Twitter. Zij had het een kleine 20 jaar geleden en haar tante in de jaren 50 van de vorige eeuw. Sommige vrouwen schijnen dat nu  nog te hebben. De remedie blijkt meestal te zijn dat ze er kunstvoeding voor in de plaats geven of al vroeg aan fruit beginnen en dan komt alles toch nog goed. Min of meer. In deze verhalen, die ik veel vaker hoor, komt de borstvoeding eruit als de Slechterik, de kunstvoeding als de Goede en mensen die zeggen dat dat niet klopt als de Lelijke.
Nou is het maar goed dat ik nooit vanwege mijn looks ergens voor ben uitgekozen, zo kan ik zonder moeite de rol van de Lelijke op me nemen. Slechte melk bestaat niet. Slechte melk (als in moedermelk met te weinig voedingswaarde) is net zo’n ongelooflijk sprookje als ‘’van verkrachting kan een vrouw niet zwanger worden’’ (geproclameerd door een Amerikaanse senator in de running voor de presidentsverkiezingen)*. Dit zijn sprookjes die door iedereen met enige rudimentaire kennis van biologie zonder een extra gedachte van tafel moeten worden geveegd. Afgezien van een uitzonderlijke enkeling met een aangeboren afwijking of ziekte is moedermelk, net als bloed altijd, zonder mankeren van de goede samenstelling. Maar, net als bij bloed, kan er wel van alles misgaan door ziekte of mismanagement.
Wie het liedje al kent mag meezingen: dat wat is ontworpen en evolutionair vervolmaakt als eerste voorwaarde voor het overleven van het individu en daarmee van de soort is per definitie goed van samenstelling. Dit is een biologische wet. De mens zou niet de dominante soort op aarde zijn als zijn eerste middel tot overleving, groei en ontwikkeling zo krakkemikkig was als men vaak wil doen geloven. (Voor wie liever niet op biologie en evolutie, maar op Creationisme afgaat: het is een belediging voor je Schepper om te geloven dat dat eerste middel tot overleven en opgroeien van zijn beste creatie zo krakkemikkig zou zijn ontworpen.)
Dat gezegd hebbende, moet ik toegeven dat het toch soms, of vaak, lijkt fout te gaan met die voeding en zijn er inderdaad kinderen die onvoldoende groeien, en niet gedijen op borstvoeding. Toch slechte melk dan? Of toch mismanagement? Op basis van biologische principes mag je er van uit gaan dat vrouwen díé melk maken, goede melk maken, net zoals lichamen die bloed maken goed bloed maken. Alleen zwaar ondervoede vrouwen (na een langdurig veel te lage BMI) kunnen melk van mindere kwaliteit maken en ook te weinig melk. Deze vrouwen worden om te beginnen vaak al niet zwanger. Dan zijn er nog kinderen die problemen hebben met de opname van voedsel en die daarom slecht groeien. Het overgrote deel van onvoldoende groei bij volledig borstgevoede kinderen is echter te wijten aan mismanagement. Er is melk, er is goede melk, er is in principe ook voldoende melk, maar om een of andere reden krijgt de baby niet binnen wat hij nodig heeft. Hij kan algemeen te weinig krijgen of hij kan niet het deel van de melk krijgen dat hij nodig heeft.
De manier waarop kinderen in onze samenleving gemiddeld borstvoeding krijgen is niet bevorderlijk voor een goede melkaanmaak en goede melkinname. Er wordt te veel geprutst met aanleggen, er worden te vroeg en verkeerde hulpmiddelen gebruikt en vooral wordt er niet vaak genoeg gevoed. In de eerste dagen is vaak voeden van essentieel belang om überhaupt voldoende voeding binnen te krijgen omdat colostrum in zulke kleine beetjes komt. Dat is goed. Dat hoort zo. Dat is zo ontworpen. Daarna moet een kind vaak gevoed worden omdat de voeding minder geconcentreerd wordt en hij er meer van nodig heeft om alle voedingstoffen die hij nodig heeft binnen te krijgen. Ook om de borsten te prepareren voor de mogelijkheid om voldoende melk te maken en te blijven maken in de maanden en jaren die komen. Vooral om de borsten leeg te houden, zodat de melk vetter blijft en het kind er meer energie voor groei uit haalt.
Door de indoctrinatie van de kunstvoedingindustrie, naar ouders toe, maar vooral ook naar de medici en zorgverlenerswereld toe, is deze kennis verloren gegaan en worden borsten gezien als ondoorzichtige containers die worden gevuld met een standaard hoeveelheid vloeistof met een standaard samenstelling, die mogelijkerwijs niet volstaat. Containers waaruit kinderen op een standaardmanier worden gevoed. Een standaard manier die geen enkele overeenkomst vertoont met de biologische blauwdruk van het kind.
De gemiddelde kinderarts, die werkt met wat hij tijdens zijn decenniumlange opleiding heeft geleerd over borstvoeding, weet minder over borstvoeding dan wat een beginnende dierenartsassistente weet over het zooggedrag van een hond. Dat geeft niet, hij weet, naar we aannemen, veel meer over een boel andere belangrijke dingen aangaande kinderen. Maar zonder degelijke bijscholing erover, moet hij zich dan maar liever niet bemoeien met de voeding van zuigelingen en dat overlaten aan echte deskundigen. Echt, de geloofwaardigheid wordt meer bevestigd door te zeggen dat je het niet weet en door te verwijzen naar een specialist, dan met een geleerd gezicht te verkondigen dat moeder slechte melk heeft en beter alvast met een fruithapje kan gaan beginnen of, nog beter, een flesje kunstvoeding bij geven. Per slot wordt die Amerikaanse senator met zijn verhaal over verkrachting en zwangerschap ook door geen enkel weldenkend mens serieus genomen. Toch?
*) Evan McMorris-SantoroRepublican Senate Nominee: Victims Of ‘Legitimate Rape’ Don’t Get Pregnant,  TPM, August 19, 2012

vrijdag 17 augustus 2012

Droom

Foto: Colin Farrell als Douglas Quaid / Hauser  in Total Recall waarin werkelijkheid en kunstmatige dromen totaal verward worden.
Het vak ‘’lactatiekundige’’ bestaat nog niet zo erg lang. Ongeveer net zo lang als beroepen in de sfeer van computerkundige aard. Die computerluitjes hebben het goed voor elkaar: alom gerespecteerd en gewaardeerd en nog goed verdienend ook. Lactatiekundigen hadden het te druk met moeders en baby’s helpen om veel aandacht te besteden aan promotie van het beroep op zich en dus is het nog steeds grotendeels onbekend en dus onbemind. Het heeft ook nog niet echt een plaats, een classificering gekregen. Dus wordt het over het algemeen maar ergens in de buurt van verpleegkunde geschoven. Met evenveel recht zou het in de buurt van diëtiek geschoven kunnen worden, het heeft er evenveel of even weinig mee te maken. Ik weet het, er zijn verpleegkundigen en diëtisten die ook lactatiekundige zijn. Maar ook, zoals ik zelf, leraren basisonderwijs, of psychologen, artsen, historici, verloskundigen, juristen, antropologen, ingenieurs, ... . Er is niemand die lactatiekunde als primair beroep koos en er in werd opgeleid. Wellicht is dat het probleem. Ik heb een droom …
Stel je eens voor dat je na het beëindigen van de middelbare school ook gewoon voor een HBO opleiding lactatiekundige kon kiezen, net als leraar, pedagoog of verpleegkundige. Of computerspecialist. Zou het vak dan eerder worden geaccepteerd en gewaardeerd? Zouden lactatiekundigen dan sneller worden ingezet en niet voornamelijk dienen als puinruimers? Misschien zouden ze dan door de samenleving en de wetgevers en subsidieverstrekkers voor vol worden aangezien en normaal deel kunnen uitmaken van het zorgsysteem rondom ouder en kind, samen met verloskundigen, artsen, verpleegkundigen, kraamverzorgenden, therapeuten, beroepsopvoeders en onderwijzers.
Natuurlijk zou er om te beginnen niet zoveel puin te ruimen hoeven zijn als zorg- en hulpverleners rondom moeder en kind, pre- peri- en postnataal, meer over borstvoeding en de begeleiding erbij zouden weten. Als er niet meer allerlei regeltjes en routines zouden worden gehanteerd die al bij voorbaat moeder en kind op het verkeerde been zetten. Als bij het optreden van problemen deze snel zouden worden herkend en adequaat behandeld of doorverwezen. Ik heb een droom …
Stel je eens voor dat de zorgers rond moeder en kind tijdens hun opleiding gewoon de attitude, kennis en vaardigheden zouden leren die nodig zijn om borstvoeding goed van start te laten gaan; die nodig zijn om problemen tijdig aan te zien komen, herkennen en te weten of de zorgverlener die zelf kan behandelen of moeder moet doorverwijzen. Dat moeders die kiezen voor borstvoeding gewoon een goede succeskans hebben. Zodat aanstaande moeders een goede keuze kunnen maken op basis van accurate kennis en informatie.
Het kiezen van de soort zorg en voeding voor een kind wordt over het algemeen al gemaakt lang voor er sprake is van een zwangerschap. Dit soort keuzes wordt, over het algemeen onbewust en des te steviger, gemaakt tijdens de puberteit, tijdens de laatste stappen naar volwassenheid. De invloed van de ouders, die tijdens de schoolkindjaren het sterkst was en de basis voor de persoonlijkheid legde, wordt minder en de invloed van school, vrienden en subcultuur wordt sterker. Rolmodellen worden buiten het gezin gezocht en gevonden en zijn mede-bepalend voor de keuzes die worden gemaakt over hoe de opgroeiende mens in het leven staat. De manier waarop de zorg en het voeden van kinderen in deze beïnvloedbare jaren binnen komt is niet hoopgevend. Borstvoeding en plein public is not done en er is dus nauwelijks iets aan rolmodellen te vinden. Ook in de lessen op school schittert het onderwerp door afwezigheid. Ik heb een droom …
Stel je eens voor dat kinderen aan het begin van de puberteit echt goed les zouden krijgen over de menselijke biologie, over voortplanting, liefde en relaties, over veiligheid en autonomie. En stel je voor dat in die lessen de voeding en verzorging van het product van die voortplanting uitgebreid en eerlijk aan de orde zou komen, gebaseerd op feiten en wetenschap, niet op meningen. En dat tegelijkertijd het geven van borstvoeding in het openbaar zou worden toegejuicht, zodat er meer rolmodellen beschikbaar zouden zijn. In Engeland is er een proef gestart met borstvoedingslessen aan 14 jarigen binnen schoolverband. Een storm van protest barstte los. Mensen zijn bang dat dit soort lessen de promiscuïteit van meisje zou bevorderen en dat het tot een toename van tienerzwangerschappen zou leiden *  **. Dat is geen droom, dat is Total Recall!
Volgens psychologen zijn mensen die veel dagdromen gezond van geest. Man, man, wat moet ik dan een gezonde geest hebben …
*) Bates C: Pupils as young as 14 have breastfeeding lessons using puppets and knitted breasts. Daily Mail 10 August 2012.
**) Hill M: Do We Dare Teach Our Daughters the Truth About Their Bodies? Huffington Post online edition, 16-08-2012

Met dank aan @SylvieZuidam, @loosjes, @Aidulacpuntnl en @marcjager voor de inspirerende Twitter discussie 16-08-2012

dinsdag 3 juli 2012

Een lesje leren

Foto: Emily Deschanel als Dr. Temperance 'Bones' Brennan en David Boreanaz als Special Agent Seeley Booth in Bones
Tweede prijswinnaar van de actie #Flitsidee: @Laktistino: plaats van borstvoeding in het onderwijsprogramma.
Disclaimer: psychologie is niet mijn primaire vakgebied en de hier geschetste psychologische principes kunnen wat kort door de bocht zijn neergezet.
‘’Mijn toenemende hoeveelheid relaties met mensen heeft mijn logisch denkvermogen aangetast.’’ hoorde ik ’Dr. Temperance Brennan’ gisteren zeggen in een oude aflevering van Bones. Relaties met mensen, en de emoties die daarbij horen, zijn blijkbaar een belemmering voor logisch denken. Alsof emoties niet logisch, niet rationeel zouden zijn. Dat zijn ze natuurlijk wel, maar op een andere manier. De logische linkerkant van de hersenen is alleen anders logisch dan de rommelige rechterkant. Je zou kunnen zeggen dat er twee soorten logica zijn: de wiskundige en de associatieve, of de analytische en de synthetiserende. De huidige wetenschap gaat uit van de wiskundige, analytische logica: als je alle kleinste deeltjes uit elkaar gepeuterd hebt en begrepen, dan begrijp je het geheel. De andere logica ziet steeds meer begrip en inzicht naarmate het geheel groter wordt en meer-omvattend. De linkerhersenhelft kan van 1 plus 1 nooit meer maken dan 2. De rechterhelft ziet onnoemelijk veel mogelijkheden voor de uitkomst van 1 plus 1, waaronder, mogelijk, 2. Voor de analyticus zijn bijkomende factoren afleiders en verstoorders, voor de syntheticus verhogen ze de feestvreugde.
In programma’s en campagnes om meer ouders voor borstvoeding te laten kiezen wordt vooral een beroep gedaan op de linker hersenhelft logica: feiten en weetjes en logisch redeneren moet ertoe leiden dat mensen niet onder de conclusie, dat borstvoeding de absolute voorkeur heeft, uit kunnen en zich vervolgens daarnaar gaan gedragen. In werkelijkheid is dat maar een klein, vaak ondergeschikt en als laatste komend, onderdeel van de hele besluitvorming. De beeld- en besluitvorming vindt tijdens het hele leven dat voorafging aan de zwangerschap plaats. Het is een, voornamelijk rechts in de hersenen zetelend, bouwwerk van ervaringen, emoties, relaties en cultuur (Hernandez, 2008; Giles, 2010). Ouders aanzetten tot de keuze voor borstvoeding moet dus al beginnen lang voor de zwangerschap, zelfs al wanneer ze nog kind zijn en gericht op de hele samenleving. Blootstelling aan het zien van borstvoeding in de kleine en grotere omgeving en de kennis en attitudes van de omgeving, de subcultuur en de cultuur zijn belangrijke factoren in de beeldvorming en uiteindelijke besluitvorming.
Borstvoeding zien wil zeggen dat het als normaal in de samenleving wordt neergezet. De kennis van de persoon zelf en de mensen in zijn en haar omgeving moet worden aangeleerd. Door kennisoverdracht over borstvoeding in het normale schoolprogramma op te nemen wordt die kennis ook nog eens ingebed in het normaliseringsproces: je ziet het gebeuren en je leert erover op school.
Al vanaf de kleuterleeftijd kan er aandacht zijn voor borstvoeding. Een project over baby’s biedt plaats aan een moeder met baby in de klas. Moeder praat over de verzorging van de baby en de voeding hoort daar onlosmakelijk bij. Waarschijnlijk zal de baby ook wel een keer honger krijgen, of zich even van de overgrote aandacht willen afwenden: een illustratiemoment voor borstvoeding. Later, in de biologielessen bij de bespreking van zoogdieren, komt ook de mens als zoogdier ter sprake. Projecten over gezonde voeding (tegenwoordig van overheidswege aangemoedigd, onder andere ter preventie van overgewicht) zijn niet compleet zonder aandacht voor gezonde voeding voor de jongste kinderen. Bij de lessen over gezondheid en voeding in het vervolgonderwijs kan borstvoeding prominent bovenaan staan als de voeding voor de zuigeling en peuter. Wanneer het onderwerp voortplanting aan de orde komt vindt borstvoeding een plaats in de vrouwelijke reproductieve cyclus. (En, hart onder de riem voor de docenten: praten over baby’s, borstvoeding en borsten is heel wat minder gênant voor een puberaal publiek dan praten over de coitus!). En, mocht ook het onderwerp relatievorming en ouderschap ter sprake komen: ook koppels van hetzelfde geslacht kunnen kinderen krijgen en borstvoeding of moedermelkvoeding geven!
Een letterlijke plaats voor borstvoeding in het onderwijs wordt gecreëerd door vrouwelijke leerkrachten letterlijk en figuurlijk de ruimte te geven hun kind borstvoeding te geven of te kolven, door datzelfde te doen voor eventuele tienermoeders die hun school afmaken (en ze er de hemel voor in te prijzen!). Ook moeders aanmoedigen om hun kind te voeden bij het halen brengen naar en van het kinderdagverblijf legt al een basis voor het normaalheidsbesef van kinderen. Veel kinderen brengen meer wakende uren door in opvangsettings en scholen dan thuis. Wil je ze iets leren en hun gedrag en attitude beïnvloeden, dan zal dat daar moeten gebeuren.
Hernández, P. T. and Callahan, S. (2008), Attributions of Breastfeeding Determinants in a French Population. Birth, 35: 303–312. doi: 10.1111/j.1523-536X.2008.00257.x
Giles, M., Connor, S., McClenahan, C. and Mallet, J. (2010), Attitudes to breastfeeding among adolescents. Journal of Human Nutrition and Dietetics, 23: 285–293. doi: 10.1111/j.1365-277X.2010.01048.x

maandag 25 juni 2012

Leeuwen met lammetjes, en papieren tijgers

Foto: papieren tijger
Organisaties voor volksgezondheid bevordering zoals de WHO, artsenorganisaties en overheden over de hele wereld  zijn het met elkaar eens over wat de zuigelingenvoeding van eerste keuze is. Zij dragen dit ook ijverig uit en bombarderen (aanstaande) ouders met promotie campagnes en materialen. Prachtig. Maar werkt het wel? Worden de doelen wel bereikt? De WHO stelt dat voor elk kind ter wereld het een grondrecht is om zijn eerste zes levensmaanden uitsluitend borstvoeding te krijgen en vervolgens tot minstens zijn tweede verjaardag, maar liever langer, borstvoeding naast geschikte andere voeding. Artsenorganisaties en overheden zijn het daar over het algemeen wel min of meer mee eens, hoewel ze twee jaar meestal wel aan de zeer ruime kant vinden.
Overheden maken wetten en geven geld aan organisaties die er dan maar wat mee moeten doen. De wet- en regelgeving is in de meeste westerse landen summier en staat bloot aan hevige lobby praktijken van degenen die financieel belang hebben bij nog minder strikte wetgeving. Artsenorganisaties schrijven standpunten, richtlijnen en aanbevelingen. Vervolgens laten ze zich scholen en voorlichten door de fabrikanten van kunstvoeding. Ik denk dat de papieren tijgers van de richtlijnen en protocollen worden gebruikt als waaiers om zich tijdens die welvoorziene en vrijwel gratis bijscholingen koelte toe te wuiven.
De kinderen en hun moeders, ondertussen, naar buiten gebonjourd door het wapperen van de papieren tijgers, staan bloot aan de dreiging van geldwolven die zich vermommen als beschermer en weldoener. Lekker gemaakt door de enthousiaste verhalen tijdens de zwangerschap beginnen ze aan borstvoeding om al snel te merken dat ze er alleen voor staan. Verder dan zeggen dat borstvoeding zo belangrijk is komen veel zorgers niet. De promotie keert zich tegen ze en tegen hen die de promotie uitvoerden en moeders worden boos. Ze voelen zich gedwongen borstvoeding te geven, maar komen van een koude kermis thuis als het hen vervolgens niet lukt, en hulp niet beschikbaar of niet effectief is.
De Cochrane Collaboration heeft een grote stapel onderzoeken (52 studies, 21 landen, 56.000 vrouwen), over wat nu adequate zorg bij borstvoeding is, bestudeerd en vergeleken . Alle vormen van extra ondersteuning buiten de normale postnatale zorg leiden tot langer exclusief en langere duur van borstvoeding. Het maakte daarbij niet uit of die extra aandacht kwam van professionals of van moeder-tot-moeder vrijwilligers. Het maakte wel uit of het in persoon of via de telefoon ging waarbij de resultaten voor in persoon begeleiding beter waren. Wanneer er alleen ondersteuning werd geboden indien en wanneer vrouwen daarom vroegen waren de resultaten veel minder positief dan wanneer er regelmatig terugkerend, voorspelbaar en gepland zorg wordt geboden.
In die onderzoeken werd uiteraard uitgegaan van zorg die werd gegeven door mensen die, professioneel of als vrijwilliger, hun zaakjes goed op orde hebben en weten waarover ze het hebben. Voorspelbare, geplande en terugkerende zorg bij borstvoeding werkt natuurlijk alleen als er ook goede informatie wordt gegeven en de zorgverlener weet hoe borstvoeding werkt, uitgaat van probleem preventie, en probleem oplossingen biedt met behoud van borstvoeding. Papieren tijgers zijn tandeloos. Leeuwen die zich aanbieden als geliefde van de lammeren zijn sprookjes. Moeders moeten tijgermoeders zijn, die hun eigen kind met hand en tand verdedigen en goede zorg eisen.
Renfrew MJ, McCormick FM, Wade A, Quinn B, Dowswell T: Support for healthy breastfeeding mothers with healthy term babies (Review). The Cochrane Library 2012, Issue 5

Eurolac Flits! met label zorgverleners, begeleiding, informatie

vrijdag 6 april 2012

Je weet niet wat je mist

Foto: Moeder Ursus Maritimus wist precies wat ze kon verwachten en miste niets.
Wat je mist weet je vaak pas achteraf, terugkijkend op je ervaring en delend met de ervaringen van anderen. Wist je wat je miste terwijl je het miste dan was je er wel achteraan gegaan. Zo bleken de moeders die reageerden op mijn oproep* naast goede en slechte adviezen ook dingen gemiste te hebben, achteraf bekeken. Wat hadden ze zoal gehad willen hebben? Met stip bovenaan misten de moeders ter zake kundige helpers. Ervaringsdeskundigen en zorgverleners die echt weten waar ze het over hebben waren zeer welkom geweest. Ter zake kundig en met eensluidende adviezen. Ter zake kundig en zonder onzin-, spook- en griezelverhalen. Ter zake kundig en met goed advies hoe de aanbevolen hulpmiddelen te gebruiken. Maar nog daarvoor misten ze goede en eerlijke informatie vooraf: wat kan je werkelijk verwachten als pasgeboren moeder. Hoe gaat voelen? Iets over hormonen en gevoelens. Over hoe mooi, maar ook hoe moeilijk en overweldigend het kan zijn. ‘’Dat het hard werken is en soms frustrerend en dat dat erbij hoort, normaal is en dat het een investering is met veel winst!’’ zoals een moeder het verwoordde. Moeders hadden ook graag van te voren willen horen wat ze als normaal babygedrag konden verwachten: de onregelmatigheid, het clusteren. Sommige moeders hadden niets gemist, want niets verwacht en zichzelf goed ingelezen via bijvoorbeeld borstvoeding.com.  Andere moeders betreurden het dat sommige dingen helemaal nog niet bekend waren toen zij hun kinderen kregen, zoals het voeden in een veel comfortabeler houding, het Biological Nurturing<www.biologicalnurturing.nl>. Heel specifiek gemist werd goede informatie en accurate kennis over vroeggeboorte en hoe daarmee om te gaan met borstvoeding en kolven.
Deze moeders weten nu wat ze misten, maar veel zorgverleners weten dat nog niet. Wat moeten zorgverleners weten en kunnen en doen om de van overheidswege gestelde borstvoedingsdoelen te behalen en de aan hun zorgen toevertrouwde moeders te helpen hun eigen doelen te halen? Uit de landelijke cijfers blijkt overduidelijk dat de overheidsdoelen lang niet bereikt worden en uit verhalen van moeders blijkt dat hun individuele doelen ook lang niet altijd worden gehaald, vaak zelfs niet ten dele. Mijn eigen eerste advies aan zorgverleners zou zijn: Weet wat je mist. Om dat te weten te komen: luister naar moeders. Luister echt, wat zeggen ze echt? Moeders willen gehoord worden, willen goede, eerlijke en volledige informatie vooraf krijgen en willen oplossingen voor problemen die ze tegen komen, maar dan wel oplossingen die, voor zo ver mogelijk, hun doelen bereikbaar houden. Borstvoeding oplossingen voor borstvoeding problemen. Goede en eerlijke voorlichting en informatie vooraf gaat over waarom borstvoeding de eerste keuze is (en dan niet blijven steken bij allergie, want dat is nu juist de minst duidelijke reden), waarbij gezondheid van moeder en kind aan bod komen. En het gaat over realistische verwachtingen over baby’s, borstvoeding en moederschap. de zorgverlener zelf moet een grondige kennis hebben van hoe normale borstvoeding werkt aan de kant van de moeder en het kind. Naast een heel arsenaal van werkende tips en truuks (T&T’s)moet de zorgverlener ook een duidelijk idee hebben van waarom die T&T’s werken en welke T&T’s bij welk probleem horen. Tot slot moet de zorgverlener zijn of haar eigen beperkingen kennen en weten wanneer het tijd is om door te sturen naar een specialist. Eigenlijk heel erg simpel. Je moet het alleen even weten. Je moet dus weten wat je mist, zowel als moeder als als zorgverlener.
*) @iAgeeth @annemiekverbeek @Aidulacpuntnl @Biancamv3 @BVfoto @Kunstomized @Catranda @CininB @esthertreurniet @EstherW74 @geogabbi @HesterMacrander @Lindar76 @loosjes @tweetenmetIen @IrisBeck @jasmijn02 @Smoopster83 @zjoje @Kaatjedootje @xstn82 @Laktistino @BekkersMarian @mama_Valerie @mariannenijpels @MarijkeFrings @melpronk @Tasjiri @MirandaDiesch @Mirandavdg @natalie_smit @NicoleJayson @sab_stop @SylvieZuidam @TamaraTijdink @Wantjes @Yvon4783
Eurolac Flitsen met het label verwachtingen, zorgverlener, kennis

woensdag 14 maart 2012

Verloren generatie

Foto: William Shatner als Captain Kirk en Patrick Stewart als Captain Picard in Star Trek: Generations, waarin 2 generaties kapiteins de problemen samen de baas moeten worden.
Als dieren konden praten en je zou een zoogdiermoeder vragen of ze borstvoeding geven ook zo moeilijk vindt, zou ze je onbegrijpend aankijken. Moeilijk? Hoezo moeilijk? Dat gaat toch vanzelf! En zo is dat ook. Een hondenmoeder werpt haar jongen, likt ze schoon en min of meer droog, duwt ze min of meer in de richting van de tepels en verder zoeken de puppy’s het grotendeels zelf uit. Een geitenmoeders zet haar 1, 2 of 3 jongen op de wereld, likt, snuffelt, geeft ze een zetje zodat ze opstaan en verder vinden ze hun weg wel, die lammetjes. Kittens, kalfjes en veulens, het is allemaal hetzelfde verhaal. Apen en mensapen van hetzelfde laken een pak, waarbij de mensapen hun jong ook vasthouden en knuffelen. Maar nu komt het. Als die mensapen zelf in de dierentuin geboren en opgegroeid zijn, kan het zo maar gebeuren dat ze geen idee hebben wat ze met dat jong aan moeten en slepen het zo’n beetje achter zich aan. Van het zogen komt niets terecht en veel van die apenbaby’s moeten bij de moeder worden weggehaald en met de fles door verzorgers worden grootgebracht. Kennelijk is zogen en moederen bij de primaten niet alleen aangeboren en instinctief gedrag, maar ook aangeleerd gedrag. Als bij zo’n zwangere primatenvrouw borstvoedende rouwen worden geposteerd is de kans groot dat de apenmoeder na de geboorte wel weet wat ze met haar kind moet. En dus vinden veel moeders borstvoeding geven heel erg moeilijk. Gaan er ook vaak dingen fout. Niet dat we onze baby’s aan een arm of been achter ons aanslepen, maar we doen er toch vreemde dingen mee. Zo verwachten we van ze dat ze tevreden zijn als we ze ergens moederziel alleen plat op hun rug in een bedje te slapen leggen. Of dat ze krijgen wat ze nodig hebben wanneer we ze om de zoveel uur een afgepaste hoeveelheid eten geven of een vooraf vastgestelde tijd aan de borst leggen. En de mensen die de moeder en haar kind zouden moeten helpen (zoals zussen en tantes bij alle primaten) zijn ook van de ‘’in gevangenschap geboren’’ generatie. Zij zijn immers net als een chimpansee in een dierentuin opgegroeid zonder ooit een kind aan de borst gezien te hebben. Als ze het al eens zagen draaiden ze wellicht walgend het hoofd weg. Maar wij, de menselijke apen, zijn niet voor een enkel gat te vangen; wij huren expertise in, net als voor die andere verloren gegane kennis, de baring. Het probleem is, dat ook die baringsexperts wat betreft borstvoeding grotendeels tot de verloren generatie behoren. In hun opleiding tot expert leerden zij eigenlijk voornamelijk dat borstvoeding goed is voor baby’s en dat alle moeders het zouden moeten geven. Maar ze leerden niet hoe het nu eigenlijk precies werkt met die baby’s en die borsten, laat staan hoe je problemen voorkomt en al helemaal niet hoe je ze oplost. Daarvoor in de plaats leerden ze wel dat er een ‘’prima alternatief’’ is in de vorm van poedermelk, precies op maat gemaakt voor kinderen. Dus krijgen borstvoeding vragen een kunstvoeding antwoord. Baby’s zijn het letterlijke kind van de rekening en moeders blijven achter met de kater van mislukking. Speciaal voor kinderen gemaakte voedsel- en drankproducten kunnen maar zelden de toets van ingrediëntenonderzoek doorstaan, zoals Foodwatch in Duitsland onderzocht (Foodwatch, 2012). In deze lijst zijn weliswaar de kunstmatige melkvoedingen voor zuigelingen niet opgenomen, maar wie etiketten kan lezen zal zien dat er in die kunstvoeding van alles niet zit en dat er ook allerlei dubieuze toevoegingen inzitten, zoals het zeer schadelijke HFCS (high-fructose corn syrup, ook bekend als glucose-fructose syrup, high-fructose maize syrup, hoog fructose mais siroop).
Borstvoeding geven zou niet moeilijk moeten zijn (hoewel het wel even geleerd wil worden, net als lopen en praten). Tegenwerkingen, in de vorm van onvoldoende blootstelling aan voorbeelden, onvoldoende kennis bij zowel ouders als veel zorgverleners en blootstelling aan slinkse reclame voor een inferieur substituut dat zichzelf goed weet op te sieren, máken het moeilijk voor veel moeders. Er is nog een lange weg te gaan. Onderweg zouden we eens een kijkje kunnen nemen in hoog-geïndustrialiseerde landen, zoals de Scandinavische,  waar borstvoeding geven opmerkelijk minder lastig lijkt te zijn.
Foofwatch.de: MARKTCHECK KINDERLEBENSMITTEL: Wie die Lebensmittelindustrie
die Ernährung unserer Kinder auf den Kopf stellt.
(2012) Opgevraagd 14.03.2012 12:42

vrijdag 29 april 2011

Klinische lactatiekunde

Borstvoeding is een lichamelijke functie voor moeders en kinderen. De maatschappelijke relevantie zou onbetwist zeer groot moeten zijn en als medische discipline verdient het een topplaats, omdat de betrokken populatie (alle kinderen die worden geboren!) zeer groot is. In de praktijk blijkt kennis over de menselijke lactatie en de begeleiding bij borstvoeding bij medische, verplegende en verzorgende beroepsbeoefenaren gemiddeld laag te zijn. Veel adviezen en behandelingen voor de borstvoedende moeder en haar kind zijn niet gebaseerd op wetenschappelijke inzichten, maar op traditie, horen zeggen en invloeden van de farmaceutische en zuigelingenvoeding industrie. En dat is niet omdat er geen wetenschappelijke kennis beschikbaar zou zijn. In vrijwel alle algemene en gespecialiseerde medische en verpleegkundige literatuur worden artikelen gepubliceerd naar aanleiding van onderzoeken over de menselijke lactatie en de begeleiding bij borstvoeding. en nog meer kennis komt beschikbaar via gespecialiseerde lactatiekundige peer-reviewed literatuur. Vandaag wil ik enkele artikelen uit het herfst 2010 nummer van Clinical Lactation in het spotlight zetten. Genna, Walker en Kendall-Tackett zijn grote namen in het lactatiekundige vakgebied. Zij schrijven over borstvoeding als de norm voor voeding en verzorging van zuigelingen en jonge kinderen. Kendall-Tackett gaat in haar artikel in op de zin en onzin van veilig-slapen campagnes, waarbij ze wetenschappelijk deugdelijk onderbouwd dat het niet het delen van het ouderlijk bed is dat het risico van wiegendood verhoogd, maar andere factoren, meestal een combinatie van factoren. Walker bespreekt de speciale zorg die randprematuren nodig hebben en de speciale zorg die nodig is om bij hen de borstvoeding te begeleiden. Genna, tenslotte gaat in op het belang van de houding van moeder en kind tijdens het voeden om het gebruik van de handen van de baby mogelijk te maken bij het vinden van en aanhappen aan de borst.
Kathleen Kendall–Tackett, Zhen Cong, Thomas W. Hale: Mother–Infant Sleep Locations and Nighttime Feeding Behavior; U.S. Data from the Survey of Mothers’ Sleep and Fatigue. Clinical Lactation Vol. 1, Fall 2010
Marsha Walker: Breastfeeding Management for the Late Preterm Infant; Practical Interventions for “Little Imposters”. Clinical Lactation Vol. 1, Fall 2010
Catherine Watson Genna, Diklah Barak: Facilitating Autonomous Infant Hand Use During Breastfeeding. Clinical Lactation Vol. 1, Fall 2010.   

Welkom bij Eurolac!

Eurolac! is een onderdeel van Eurolac Lactatiekunde

Dit is het oude blog.

Voor de nieuwste berichten en voor diepgaande informatie, achtergrondartikelen, hulp en ondersteuning ga je naar www.eurolac.net. Hier vind je ook de Eurolac Lactatiekunde Webwinkel

Labels

aan-de-borstvoeding aanbevelingen aandacht aangeboren aangeleerd aanhappen aanklikbedje aanleg aanleggen aanleghulp aanname aanpassen aasgieren ABC abces ABM achtergrond achterkamertjes acrobatiek actie acupunctuur ademhaling ADHD adolescent adoptie advies advisering advocaat AFASS afbouwen affectie affectief afhankelijkheid afkoeling afkolven afleiding afsluiten afstamming afstrepen aftellen afvallen afvalstoffen afweer afwijking afwijzen agressie alcohol Alexandre Dumas alledaags alleen allergeen allergie allo-ouderschap allopathie alternatieve zorg aminozuren Amsterdam anamnese anatomie Angelina Jolie angst Anna Staas-Vink anorexia antibiotica anticonceptie antropologie apart apoptose apparaat appels archetype argument asimov ASS assortiment astma asymmetrie atopisch Attachment Parenting attachment theorie attitude autostoeltje baby baby-led-weaning babyverzorging babywise bacteriën bad badzout bakerpraat bakerpraatjes balts baren baring baringsrituelen bed-sharing bedrog beeldvorming begeleiden begeleiding begroting beha behandeling behoefte behoeften belasting beleid beloften beloning beoordeling beperken beroep beschadigen beschermen bescherming besmetting beurs bevalling bevorderen bewaren beweging bewerken bewijs bewijslast bewustzijn BFHI bijgeloof bijhouden bijscholing bijten bijvoeden aan de borst bijvoeding bijzonder bilirubine Biological Nurturing biologie biologisch biologische zuivel bitter blauwdruk bloed bloedarmoede bloedcellen bloeddruk bloedstolling bloedsuikers blootstelling BMI boek bonafide borst borstabces borsten borstkanker borstmassage borstonderzoek borstontsteking borstproblemen borstverkleining borstvoeding borstvoeding.com borstvoedingcafe borstvoedingcijfers borstvoedinginformatie borstvoedingmanagement borstvoedingorganisatie borstvoedingsbeleid borstvoedingsduur borstvoedingsorganisatie borstvoedingsthee borstvoedingvriendelijk borstweigeren botdichtheid botvorming boulemie bouwstoffen Bowlby BPA Brian Palmer brood broodjeaapverhaal buidelen buitengewoon cadeautjes caius calcium calendula campagne candida albicans capaciteit cariës caseine changeling chapeau chefkok chimpansee China chocolade clausule clusteren clusterkolven CMV co-ouderschap co-sleeping Cochrane Code coeliakie cohortstudie colostrum comfortabel commercie commissie communicatie compassie complementair complex complicated congruent consequent consequenties consultatiebureau contra-indicatie controle corrupt cortisol counseling couveuse CT cultuur cyclus D-MER D-TSR DALY's dankbaar darm darmflora darmfunctie David Sackett debat deficientie dehydratie delen demoniseren deskundig determinanten diabetes diagnose Diane Wiessinger diarree diëtiek dik discreet discriminatie discussie dissociatie DNA doel dokters dompelbad domperidon donormelk doorverwijzen doorzetten doula dr. Jay gordon draagkracht draaglast draagling draak dragen drempels drinken drinkproblemen drinktechniek druk dubbele boodschap duimzuigen duurzaamheid dwang E-Sakazakii EBM EBP echografie ecologisch borstvoeden ecologische voetafdruk economisch economische waarde eczeem educatie eenvoudig eerlijkheid eetproblemen eetstoornis eierstokkanker Einstein eiwitten emancipatie emotie emotioneel welzijn emotionele beschikbaarheid empathie energie epigenetica Erikson erotofobie eten ethiek etiket etniciteit eurolac evalueren evidencebeest evolutie examen exclusief excreet excuus experimenteren extreem fabels fabeltjes fabrikanten Facebook factoren familie fanatiek feel-good feest feestdagen feiten feminisme fenegriek filmpje filosofie flash-heating fles flesvoeding flesweigeren flow focus fopspeen forensisch onderzoek forum foto's fouten freakshow frenulum frequent voeden freud functie functional food functionaliteit fysiologie gadgets galactogoog galega gastcolumn gebakken lucht gebit gebonden geboorte geboortegewicht geboortetrauma gedijen gedrag geelzucht geen kwaad doen geheim gehemelte gehemelteplaatje geinduceerde baring geinduceerde lactatie geïnduceerde lactatie . geit geld geloven geluk gelukkig gemiddeld gender genen GenerationR genetische manupulatie Gentiaan Violet George Clooney geschiedenis geur gevaar gevaarlijk gevaren geweld gewicht gewichtsverlies gewoon gezin gezond gezonde voeding gezondheid gezondheid moeder gezondheidsclaims gezondheidsinformatie gezondheidsprogramma gist glucose go with the flow goed goed genoeg goud griep groei groeistandaarden groen groene_leem grondstoffen grootmoeder gulden snede gynaecoloog halfjaar HAMLET handelplan hard drugs harry piekema hart hart- en vaatziekten hartfunctie hechting heks helen helper herinneren hersenen hersenontwikkeling heupdysplasie Hippocrates hirsutisme historie HIV HM4HB HMF holistisch honger hongersignalen honing hormonen horror houdbaarheid houding Hugh Laurie huidcontact huidflora huilen hulp hulp zoeken hulpmiddel hulpmiddelen hulpset hygiene hygiëne hype hyperlactatie hypoglycemie hypolactatie hysterie IBFAN ideaal IFE ijs ijzer IL-10 illusionist immuniteit immunologie immuuncellen Ina May Gaskin inbakeren individu indoctrinatie industrie infectie infecties inflammatie informatie informeren infuus ingetrokken tepels ingewikkeld ingrediënten ingrijpen initiatierite inleiden inschatten instinct instincten instinctief voeden instructie insuline intake intelligentie intentie inter-species zogen interactief interventie intiem intolerantie introductie inventariseren investering invloed invoelen inwikkelen inzet IQ irritatie Ja zuster nee zuster Jack Newman James McKenna JGZ JHL jodium Johan Cruijff Johnny Depp jonge moeder journalist jubileum Kangoeroe Moeder Zorg kanker kansen kapotte tepels karakter KDV keizersnede kennis kennisoverdracht keuze keuzes keuzes maken kiezen kijken kin kind kinderarts kinderdagverblijf kinderopvang kindersterfte KISS klacht kleur klierweefsel klinische lactatiekunde KMC KMZ knippen koemelk koesteren koestering koffie koken kokosolie kolf kolonisatie kolven korte tepels kosten kosten gezondheidszorg Kotlow koude kraam kraamafdeling kraambed kracht krampjes kritiek kruiden kruipen kunstvoeding kwakzalverij kwaliteit laat-prematuur lactaptin lactatie lactatiekunde lactatiekundige lacteren lactoengineering lactoferrine lactogenese LAM lange termijn langvoeden lanoline leefomgeving leiden lekken lengte lente leren leren aanleggen levende cellen levensles lezen lichaamscontact liefde lipriempje literatuuronderzoek LLL lobby logica logopedist loslaten luchtweginfecties luiers luisteren maag maagdarminfecties maaginhoud maagzuurremmers maan maat maatschappij macgyveren machinaal maffia magie magisch malafide mama maneschijn manieren manipuleren mannelijke lactatie marketeer marketing massage mastitis matrix Max Tailleur mazelen meanderen Meatloaf Medela media medicalisatie medicijnen medicijngebruik medische misser medium meerling melk melkbank melklijsten melkproductie melkstase melkstroom melktransfer melkzusters menarche menselijk mensenrechten menstruatie Meryl Streep met rust laten meten methode Michel Odent micronutriënten middenoorontsteking mijmeren milieuvervuiling min Miranda Kerr mode moe moeder moeder en kind nabijheid moeder-en-kind-nabijheid moedergodin moedergroep moedermelk moedermelknetwerk moedermelkvoeding moederschap mondflora mondonderzoek Montessori morbiditeit mores mortaliteit motieven motivatie motorische ontwikkeling MRI MRSA multidisciplinair multimoeder multiple sclerose mythe nabijheid nachtouderschap nachtvoedingen nadelen nadenken nalaten namaak nature-nurture natuur natuurlijk nauwkeurigheid NEC neerslachtigheid Nestle boycot nicotine nieuw nieuwsgierig Nils Bergman niplette non-nutritief noodsituatie norm normaal normen en waarden normwaarde Nurse Jackie nutriënten Obelix obesitas obsceen observeren obstreticus oedeem oefenen oestrogenen ogen oligosacchariden olympisch oma omega 3 omgeving omweg onaangepast onafhankelijkheid onconditioneel onconditioneel opvoeden onderkaak onderscheid ondersteuning ondervoeding onderwijs onderwijzen onderzoek onderzoek retrospectief onderzoeken onderzoeker onderzoekmethodes ongemakkelijk ongewenst zwanger ongewoon ongezond onrustig drinken ontdooien ontmoeten ontspannen ontsteking ontwerp ontwikkeling onvoldoende onvoorwaardelijk onvoorwaardelijk ouderschap onwennig oorlog oorontstekingen oorzaken opbrengst openbaar openbaar voeden opgelucht opleiding opleidingsniveau ouders oplossing opoffering oproep opties opvoeden opvoeding opvolgmelk opzoeken orale anatomie organische chemicaliën osteoporose Oud en Nieuw ouder-kind-interactie ouders ouderschap overdenking overeenkomsten overgewicht overheden overheid overleg overleven overproductie oververhitting oxytocine paced bottle feeding pacifisme pap papa parasiet partner pasgboren pasgeboren passie pasteuriseren patroon Paula Meier PCOS pech pedagoog peer support peercounseling pepermunt perceptie perfectie perinatale sterfte perspectief PET Peter Facinelli peuter pijn pijnbestrijding Pink pink ribbon plaats placebo plagiocefalie plan plan B plannen plezier politiek portie portiegrootte postnatale depressie postpartum bloedverlies powerpoint PPD prematuur prenataal afkolven prenatale depressie prenatale ontwikkeling prestatie preventie prijsvraag primaten prins prinses priorteit probiotica PROBIT probleemgedrag problemen problemen maken problemen oplossen productie professioneel profijt programma prolactine promoten promotie protocol psychologie PTSS puber radicaal ramp Rapley Raynaud RCT reactie realiteit rechten van het kind rechten-van-het-kind reclame redden redenen redeneren referentie referenties reflexen reflux regelen regelmaat regels reinheid relactatie relatie religie respect responsief ouderschap reuk revolutie richtlijn Riley ringsling risico risico van geen borstvoeding risicogedrag rituelen Robert De Niro robot roes roken rollen Romeo en Julia röntgenfoto routines rouw rozengeur RPS ruimte rumenzuur rust rustig RVP safe motherhood sagen salie salma hayek Salmonella samen samen slapen samenspel samenstelling samenwerking SBO congres scan Scandinavië schaamte schaap schade scheiding-van-moeder-en-kind scheidingsangst scheikunde schema schildklier schimmel schimmelinfecties schisis schizofrenie scholing schoonheid schrijven schudden schuim schuld schuldgevoel secreet seksisme seksleven seksualiteit seksuele mishandeling sensitief ouderschap sensitieve zorg SES Shakira show SIDS silicium simultaan voeden sintjanskruid slaap slaapcondities slaapcyclus slaapgebrek slaapomgeving slaappatroon slaapproblemen slaapritme slaaptraining slapen slendang smaak smaakontwikkeling smoes sneeuw sociaal gedrag sociaal netwerk socialiseren softdrugs sondevoeding soortspecifiek SPECT speen speenhoes spelen spelregels spenen spijsvertering sponsoring sport spraakontwikkeling spreken sprongetjes sprookjes spruw spugen stamcellen stand standaard stappenplan start statistieken Stefan Kleintjes stemherkenning sterk steun stoppen storen stress strijdmodel structuur studie stukjes stuwing substituut suiker suikermetabolisme suikerwater suppletie surrogaat symbiose taal taboe tandemvoeden tanden tattoo TBS te veel melk te weinig melk team technieken technologie tegendruk tegenwerken tellen temperatuur tentoonstelling tepelhoedje tepelkloven tepelproblemen tepels terminologie testosteron TGF-beta1 The Bad Mother's Handbook thema therapeutisch flesvoeden therapie thymus tienermoeder tijd tijger TNO toeschietreflex tolerant tong tongriem tortocillis toveren toxinen TRAIL triple P troosten trots trouw trucjes tweeling twijfel twilight type uitkomsten uitvinden Uncle Vernon UNICEF uniek universiteit urban legend utopia vaardigheden vacceenzuur vaccinatie vacuum vader vaderrol vaderschap vak vakantie valentijn vallen vampier variabelen variatie vaste voeding VBBB VBN vechten vegetariër veilig veiligheid verandering verantwoordelijkheid verantwoording verdediging verdriet vergelijking verhalen verkoudheid verliefd verloskundige vermoeidheid verondersteld te weinig melksyndroom verschillen verslikken verstopping vertrouwen verwaarlozing verwachten verwachting verwachtingen verwarmen verwarring verwennen verzadigingsignalen verzorgen verzorging vet vetzuren vies vingervoeding virus visite vitamine A vitamine B vitamine C vitamine D vitamine K vlakke tepels voeden voeden op verzoek voeding voeding moeder voedingesindustrie voedingsbeha voedingscentrum voedingsfrequentie voedingskussen voedingsmethode voedingspatroon voedingsstoffen voedingswaarde voedsel Voldemort voldoende volksgezondheid volledige zuigelingenvoeding volturi voorbeeld voorbereiden voorbereiding voordeel voordelen voorkeurshouding voorkomen voorlichting voornemen vooronderstelling voorschrift voortgezette borstvoeding voorwaarden vorm vraag vraag en aanbod vragen vreemd vreugde vriezer vrijwilligers vroede vrouw vroeggeboorte vrouw vruchtbaarheid vuistregels vulture vuurwerk vzwBorstvoeding waarde waarheid WABA wapens WAPF warmte water waterhuishouding waterpokken waterwereld WBW weeën wereldvrede werkende moeder werkende vader werkgever Weston A Price wetenschap wetgever WHO Whoopi wiegelied wiegendood wijkverpleegkundige wijsheid will smith winkel winkel concept winst wisselkind woede wolf wondermiddel woonomgeving woorden workshop WYSIWYG Yvo Smulders zalf zelfbeschikking zelfregulatie zelfstandig zelfvertrouwen ziektelast ziekteverekkers ziel zien zilver zink zintuigen zitten zoeken zoet zoethoudertjes zonlicht zonnesteek zoogdieren zoogkompressen zorg Zorg voor Borstvoeding zorgen zorggedrag zorgverleners zorgzaam zout zuigbehoefte zuigelingen zuigelingenvoeding zuigen zuigfles zuivelindustrie zwanger zwangerschap zwembad

Drukwerk educatieve materialen

Prijsprinter - copyshop - banner